Peda Solar Pumps

Tips, Advice, Ideas

Welke Taal Sprak Jezus?

Welke Taal Sprak Jezus
Welke taal sprak Jezus? – Protestantse Theologische Universiteit

Welke taal sprak Jezus?

22 april 2015 Welke taal sprak Jezus? Was het Hebreeuws, de taal die de Israëlieten van oudsher spraken en waarin de Tenach (christenen: het Oude Testament) geschreven is? Of Grieks, de taal van het Nieuwe Testament en de algemene omgangstaal in de Grieks-Romeinse wereld, waar Israël in de tijd van Jezus deel van uitmaakte? Of was het Aramees, de joodse omgangstaal in Galilea, de streek in het noorden van Israël waar Jezus opgroeide? Of misschien zelfs nog wat anders? De meningen zijn verdeeld.

Emeritus Hoogleraar De meerderheid van de onderzoekers gaat ervan uit dat Jezus in ieder geval preekte in het Aramees. Aramees was de taal van het gewone volk in Galilea. Jezus groeide op in een handwerkersgezin in het Galilese stadje Nazaret en de kans is dus groot dat Aramees zijn moedertaal was. Bovendien wordt in de vier evangeliën verteld dat zijn boodschap een breed publiek bereikte: eenvoudige ambachtsmensen en vissers, vrouwen en kinderen liepen massaal uit om naar hem te luisteren.

Jezus heeft deze groepen vrijwel zeker in het Aramees toegesproken. Ook de gesprekken met zijn leerlingen voerde hij waarschijnlijk in het Aramees. De evangeliën beschrijven Jezus’ belangrijkste daden en de boodschap die hij verkondigde. Die evangeliën zijn geschreven in het Grieks, maar volgens sommige geleerden zijn ze gebaseerd op oudere versies in het Aramees.

Dat de evangeliën uiteindelijk geschreven zijn in het Grieks is niet vreemd: Grieks was nu eenmaal de wereldtaal van die tijd. Zo konden ook Griekstalige joden en niet-joodse leden van de eerste christelijke gemeentes ze lezen. Toch kun je aan die Griekse evangeliën nog zien dat Jezus, Soms geven ze weer welke Aramese woorden Jezus gebruikte, zoals Abba (Aramees voor ‘vader’).

Het staat dus vast dat Jezus Aramees sprak. Het was daarom een juiste beslissing om hem in Mel Gibsons film The Passion of the Christ (2004) vooral Aramees te laten spreken. Volgens Lukas 4:14-30 las Jezus op een sabbat voor uit een boekrol met de Hebreeuwse tekst van het Bijbelboek Jesaja.

  • Als Jezus een religieuze scholing heeft gehad, is de kans groot dat Hebreeuws lezen daar een onderdeel van was.
  • Hebreeuws leren lezen was niet heel moeilijk voor mensen die Aramees spraken, want het zijn verwante talen (allebei Semitisch).
  • On Jezus ook Hebreeuws spreken, of kon hij het alleen lezen? Misschien sprak hij het als hij in Jeruzalem in gesprek was met de joodse Schriftgeleerden.

Vroeger werd vaak aangenomen dat Hebreeuws in de tijd van Jezus niet meer gesproken werd en alleen nog een schrijftaal was. Maar sinds de vondst van de Dode Zeerollen weten we dat Hebreeuws in Jezus’ tijd nog een levende taal was in bepaalde kringen in Judea, dus in Jeruzalem en het gebied eromheen.

Ende Jezus ook Grieks? Dat zou je wel denken als je leest over het gesprek dat hij voerde met een centurio die genezing zocht voor zijn slaaf (Matteüs 8:5-13). Een centurio was een hoge officier van het Romeinse leger. Veel hogere militairen spraken Grieks. En welke taal sprak Jezus tijdens het verhoor door de Romeinse stadhouder Pilatus, voordat Pilatus Jezus veroordeelde tot de kruisdood (Markus 15:2)? Mogelijk was dat ook Grieks.

Het is zeker mogelijk dat Jezus genoeg Grieks beheerste om er minimaal een basaal gesprek in te voeren. Maar misschien doen we hem daarmee tekort en was zijn Grieks zelfs vloeiend. Jezus was timmerman (Markus 6:3) en het is mogelijk dat hij betrokken was bij de grote bouwprojecten in Griekstalige steden in de buurt van Nazaret.

Het is een beetje speculatief, maar zo zou hij Grieks spelenderwijs geleerd kunnen hebben. Maar daar pleit tegen dat hij later juist deze steden heeft gemeden. Tiberias en Sepphoris, dé plaatsen in Galilea waar Grieks werd gesproken, komen in de evangeliën helemaal niet voor. Daarom vermoeden sommige geleerden dat Jezus’ kennis van het Grieks heel minimaal was.

De opmerkelijke zwijgzaamheid van Jezus tijdens zijn rechtszaak (Markus 15:4-5) wordt ook wel eens aan deze taalbarrière geweten. In de film The Passion of the Christ spreekt Jezus naast Aramees Latijn, maar het is erg onwaarschijnlijk dat hij die taal echt beheerste.

  1. Latijn werd wel gebruikt door de Romeinse overheid in Palestina, maar alleen voor administratieve doeleinden.
  2. Volgens de evangelist Johannes (Joh 19:20) was er op het kruis een inscriptie aangebracht waarop in het Hebreeuws, het Latijn en het Grieks stond ‘Jezus uit Nazaret, koning van de Joden’.
  3. Dit sluit aan bij het administratieve gebruik van het Latijn.

Voor de gewone omgang gebruikten de meeste Romeinen Grieks. De kans dat Joden, en dus Jezus, Latijn spraken is daarom heel erg klein. Kortom, we weten niet zeker welke talen Jezus sprak en in welke mate hij ze beheerste. Maar dat Aramees zijn moedertaal was en dat dat de taal was die hij gebruikte in zijn toespraken in Galilea is vrijwel zeker.

Wat is de taal dat Jezus sprak?

Dat Jezus Aramees sprak, is vrijwel onomstreden. De semitische taal werd in de tiende eeuw voor Christus al gesproken in steden als Damascus en groeide tussen 700 en 300 voor Christus uit tot de voertaal in de landen rond de oostkust van de Middellandse Zee.

Welke taal is de Bijbel oorspronkelijk?

Bijbel in 2020 vertaald in 46 extra talen Bijbel in 2020 vertaald in 46 extra talen Haarlem (ANP) 24 maart 2021 – De Bijbel is vorig jaar vertaald in 46 extra talen. Daardoor kunnen zo’n 13 miljoen mensen de Bijbel voor het eerst in hun moedertaal lezen, meldt United Bible Societies (UBS), koepelorgaan van bijbelgenootschappen.

  • In zes nieuwe talen is de Bijbel volledig vertaald, waaronder in gebarentaal.
  • De overige 40 nieuwe vertalingen zijn van het Nieuwe Testament of slechts gedeelten van de Bijbel.
  • Alleen “levende” talen zijn volgens een woordvoerder van het Nederlands Bijbelgenootschap geschikt voor bijbelvertalingen.
  • Dus vallen er al 1.200 talen af, die ofwel uitsterven ofwel door een te klein aantal mensen wordt gesproken.” De overige vijf volledige vertalingen zijn in inheemse Afrikaanse talen, zoals het Datooga, gesproken door een Tanzaniaans nomadenvolk.

Dat gebeurt op verzoek van plaatselijke kerken, die dan financiële steun ontvangen om het vertaalwerk ter plekke te doen. Ook verspreiden de lokale kerken de Bijbels zelf. De kerken staan in contact met de inheemse bevolking, vertelt de zegsman van het Bijbelgenootschap.

  • In eerste instantie gebeurt de vertaling op verzoek van de kerken.
  • Wij gaan ervan uit dat de inheemse bevolking zelf ook behoefte heeft aan een Bijbel in haar moedertaal.” De bijbelgenootschappen hebben geen missionaire functie, zegt de woordvoerder.
  • Nieuwe vertalingen zijn er niet om mensen te bekeren, ze moeten bijdragen aan de verspreiding van Gods woord.

De Bijbel is een beproefd boek voor steun en houvast. Wij willen iedereen de mogelijkheid bieden om daar het eigen mee te doen.” In totaal is de Bijbel nu (gedeeltelijk) te lezen in 3435 van de ruim 7000 talen. De Bijbel is het meest gelezen boek ter wereld.

Welke afkomst had Jezus?

Het Teken – nr 7, Januari 1996 – Jezus de jood. Een zoon van zijn volk – Tijdschriften Bladzijde: 209 Trefwoorden: “In de loop van de geschiedenis hebben christenen vaak vergeten dat Jezus van Nazaret een jood was.” De auteur is exegeet Een zoon van zijn volk Jezus de jood Ooit zag ik een foto van een weg ergens in een Beiers landschap met langs die weg een kruisbeeld.

Aan een boom naast het kruis was een bord aangebracht met de nazi tekst: ‘luden unerwünscht’ ‘Joden ongewenst’. Of de foto een echt document was van de nazi waanzin of geënsceneerd was om deze waanzin aan de kaak te stellen, weet ik niet maar een cynischer en meer vervreemdend beeld van Jezus is moeilijk denkbaar.

In de loop van de geschiedenis hebben christenen vaak vergeten dat Jezus van Nazaret een jood was. Dit paste volgens sommigen niet in het triomfantelijk beeld dat de heersende kerk van zichzelf had. Men ging ervan uit dat de kerk in de plaats van Israël was gekomen en het jodendom geen blijvende betekenis meer had na de komst van Christus.

Christenen verloochenden liever hun herkomst en zagen de kerk liever als de stam en niet als het twijgje dat op de stam van het jodendom was geënt, zoals de apostel Paulus het uitdrukte. Onder de pogingen Jezus los te maken van het jodendom was de meest radicale en onzinnige die van het nationaal socialisme van Hitler en de zijnen.

Voor hen kon Jezus geen jood zijn en zij ondernamen pogingen om hem tot een vertegenwoordiger van het arische ras te maken. De nazi’s konden echter aansluiten bij min of meer verholen stromingen van antisemitisch denken binnen het christendom. De holocaust met zijn miljoenen joodse slachtoffers in de concentratiekampen heeft christenen opnieuw de ogen geopend voor het feit dat de grondlegger van hun geloof, Jezus, zelf jood was.

  1. Het moderne onderzoek naar de historische Jezus heeft, bij alle onderlinge verschillen, gemeen dat het Jezus van Nazaret probeert terug te plaatsen in de joodse wereld van de eerste eeuw, met al de sociale, economische en religieuze eigenaardigheden van die tijd.
  2. En ieder is het erover eens: Jezus was jood in hart en nieren.

Het is goed dat te benadrukken. Hij was niet enkel jood door geboorte en opvoeding, maar hij bleef een jood, heel zijn leven. Zijn Schrift was de joodse bijbel. Hij had niet de bedoeling een nieuwe godsdienst te stichten, maar zag zichzelf op de eerste plaats als iemand met een bijzondere zending voor de joden.

  • Hij sprak als een jood tot andere joden.
  • Zijn eerste volgelingen waren joden.
  • Alle schrijvers van de nieuwtestamentische boeken (de auteur van het Lukas-evangelie en de Handelingen van de Apostelen misschien uitgezonderd) waren joden.
  • Aan dit onderzoek naar de historische Jezus zijn de laatste decennia ook joodse deskundigen gaan meedoen.

Door hun kennis van de joodse achtergrond in de nieuwtestamentische geschriften spelen ze hierbij een belangrijke rol. Men hoort wel eens zeggen dat men van joodse zijde bezig is met de ‘Heimholung’ van Jezus, met het thuisbrengen of repatriëren van Jezus.

Joden kregen oog voor de uitzonderlijke betekenis van deze zoon van hun volk. Zo ziet Martin Buber Jezus als zijn ‘grote broer’ en spreekt David Flusser over ‘het religieus genie Jezus’, wiens grootheid door de christenen nooit werkelijk is begrepen. In elk geval wordt uit al de historische studies steeds duidelijker dat Jezus een zoon van het oude volk Israël was en blijft.

De uitspraak’ Jezus was geen christen, maar een jood’ (J. Wellhausen) krijgt hierdoor steeds steviger fundamenten. Geen christen ‘Exegeten moeten soms constateren, dat mensen geschokt zijn als je zegt, dat Jezus een jood was. Een Zwitserse theologe vertelt dat eens een vrome kloosterzuster reageerde met: ‘Maar de heilige Jozef was toch in elk geval katholiek!’ (G.

Bouman). Deze schok komt niet voort uit een verborgen antisemitisch gevoel, maar meer uit de vrome, onkritische voorstelling die veel christenen vanuit prediking en onderricht zich van Jezus eigen maakten. Onbewust plaatste men Jezus binnen de eigen tijd en leefsituatie en zag hem als een tijdgenoot, die deel uitmaakte van de christelijke leefwereld.

Ongeveer zoals vroegere schilders bepaalde bijbelse taferelen dichtbij plaatsten, in hun eigen Italiaanse of Vlaamse wereld. Waarschijnlijk gingen de meesten daarbij niet zover als de Ierse predikant, die het klaarkreeg om gedurende de meimaand te preken over het bruidje Maria, dat haar eerste communie deed.

  • Het anderszijn, met name het jood-zijn van figuren als Maria en Jezus realiseerde men zich nauwelijks.
  • Jezus was echter een kind van zijn tijd en van zijn volk.
  • Hij groeide op met de joodse bijbel en binnen heel bepaalde joods­religieuze tradities, waarbij zijn Galilese afkomst mogelijk aan zijn opvattingen nog eens een bijzondere kleur gaf.

In zijn boek: ‘Jezus, de nabije onbekende’ formuleert W. Feneberg de dingen die Jezus met ons christenen gemeen heeft, als volgt: ‘Jezus ging naar het Godshuis, hij deed zijn dagelijkse gebeden en was vroom; hij had God lief en zag Hem als zijn Vader, hij vierde de dag des Heren met grote zorg en liefde en verheugde zich op de grote feesten van het jaar; hij had alle mensen lief en riep daarom alle mensen zonder uitzondering op, zijn leerlingen te worden.’ In dit alles kunnen we ons met hem identificeren.

  1. Maar hij was ook anders dan wij.
  2. Met de woorden van Feneberg: ‘Jezus ging niet naar de kerk, maar naar de synagoge, Hij bad niet dagelijks het Onze Vader en het Wees Gegroet, maar tweemaal per dag het Sjema en driemaal het Achttiengebed en het Kaddisj.
  3. Hij droeg geen toog of pij, maar de tefilim en de gebedsdoek; hij ging niet op zondag, maar op zaterdag of op vrijdagavond naar de synagoge; hij had thuis geen kruis hangen en geen Mariabeeld, maar gebedsriemen, een sabbatlamp en andere benodigdheden voor de viering van de sabbat; hij vierde niet Pasen, Pinksteren, Allerzielen en Kerstmis, maar de joodse feesten; hij heeft geen enkele heiden tot zijn leerling gemaakt, maar als gewone, tegenwoordig zou men zeggen orthodoxe, en opgeruimde jood geleefd, vreugde ondervonden en leed gedragen.

Hij was werkelijk anders dan wij.’ Jezus de jood ‘Wie Jezus Christus ontmoet, ontmoet het jodendom’, schreven de Duitse bisschoppen in 1980. ‘Rabbi Jesjua ben Josef’ (rabbi Jezus, zoon van Jozef) wordt Jezus soms door zijn volksgenoten genoemd in het Hebreeuws, op de manier waarop men gewoon was rabbis aan te duiden.

  1. Daarmee wordt onderstreept dat Jezus een zoon van Israël was, die leefde binnen het sociale en religieuze decor van het oude Palestina.
  2. Als we willen spreken over Jezus als ‘waarlijk mens’, als een van ons, dan moeten we beseffen dat je alleen maar mens kunt zijn binnen een heel concrete situatie en cultuur.

Als ieder mensenkind moest Jezus leren leven in deze wereld, hij moest menselijke gedragsregels en omgangsvormen leren kennen, hij moest ook leren geloven en bidden en dat alles in een heel concrete omgeving. Jezus is opgegroeid binnen de religieuze traditie van zijn volk.

Hij heeft de naam van God leren spellen op de wijze waarop Joden dat deden, vanuit de Schriften. Hij leefde, zoals iedere rechtgeaarde jood uit de eerste helft van de eerste eeuw, met in zijn hart en hoofd de herinnering aan aartsvaders, wijzen en profeten. Niets joods was hem vreemd. Hij heeft zijn eigen identiteit en bestemming moeten ontdekken door in en met die joodse gemeenschap te lezen in de Wet, de Profeten en de Geschriften.

Jezus heeft in die oude woorden zijn eigen weg afgetast en vermoed. ‘Jezus put uit een traditie van eeuwen. Zijn gedachten, zijn droombeelden en denkbeelden, hij schiep ze niet uit het niets, hij diepte ze op uit de schatkamers van zijn volk. Hij las ze bijeen uit de Wet en de Profeten en de Geschriften.

  • Hij liet ze zich aanreiken door Abraham, Isaak en Jakob.
  • Hij ontving ze dankbaar uit de handen van Mozes en Jozua, van David en Jeremia.
  • Hij liet zich gezeggen door Mirjam en Ruth.
  • En het kan ook niet anders of hij heeft als kind goed geluisterd naar de woorden die Maria bewaard had in haar hart en hij heeft stellig ook goed gekeken naar de werken van haar handen.

En Johannes die Doper die sprinkhanen at, gaf hem ook te denken. En die ontleende weer van alles aan Elia, zijn sprinkhanen etende verre voorganger’ (Nico ter Linden). Joodse wortels Jezus was en bleef heel zijn leven een jood. Hij is niet op een zeker moment tot een ander geloof overgegaan.

  • Evenmin als de apostel Paulus op de weg naar Damascus zich van jood tot christen ‘bekeerde’ en tot een andere geloofsgemeenschap ging behoren, is er bij Jezus sprake geweest van een ‘omkeer’.
  • Beide werden niet bekeerd, maar ‘geroepen’ tot een bijzondere profetische taak.
  • Jezus voor zijn eigen joodse volk, Paulus vooral voor de heidenvolken om hen te doen delen in het verbond tussen God en zijn volk.

– Jezus is en blijft jood in de manier waarop hij over God denkt en spreekt: zijn God is de god van Abraham, Isaak en Jakob, de god van het joodse volk. – Jezus houdt de tempel van Jeruzalem in ere als ‘huis van zijn Vader’ en ‘huis van gebed’, waar hij geregeld onderricht geeft, ook al heeft hij kritiek op bepaalde toestanden en kan hij over zichzelf zeggen: ‘Meer dan de tempel is hier’ (Mt.12,6).

  1. Jezus’ jood-zijn blijkt uit zijn houding tegenover de joodse tora : ‘Denk niet dat ik gekomen ben om de wet of de profeten af te breken.
  2. Ik ben niet gekomen om af te breken, maar om te vervullen’ (Mt.5,11).
  3. Jezus komt niet de tora vervangen, maar doen.
  4. Hij geeft wel zijn eigen interpretatie en toepassing van de tora, maar dat deden joodse schriftgeleerden en leraren ook.
See also:  Welke Telefoons Geen Whatsapp In 2023?

Bij Jezus gaat het om het doen, het vervullen van de wet, wat helemaal joods is. Al is zijn kritiek op bepaalde joodse praktijken ongezouten, hij blijft daarmee binnen de traditie van Israëls profeten, die ook geen blad voor de mond namen en mistoestanden ongenadig konden kritiseren.

  • Wel plaatst hij tegenover de farizese last van de wetsverplichtingen nadrukkelijk barmhartigheid en liefde, het licht juk.
  • Men mag ook veronderstellen dat Je­zus de sabbat onderhield.
  • Ondanks de conflicten die hij volgens de evangelies met de schriftgeleerden had over de sabbatviering, was hij ook op dit punt trouw aan de leer van de tora.

Wanneer Jezus op sabbat zieken geneest, dan doet hij dat juist om te zorgen dat deze mensen van de sabbat kunnen genieten (vgl. Mk.3,4). – De joodse boeken, door ons het Oude Testament genoemd, vormen voor Jezus ‘de heilige Schrift’. Zij is voor hem gezagvol en vanuit haar argumenteert hij vaak.

  1. De dekaloog is voor hem een vanzelfsprekende norm, al concentreert hij zich sterk op het dubbel gebod van de liefde tot God en de naasten.
  2. Al de titels waarmee Jezus wordt aangeduid, stammen uit de Schriften van zijn volk of uit de joodse traditie.
  3. Te beginnen met zijn naam Jesjua (= God is redding, vergelijk Jozua), en de benaming ‘Christus’ (= gezalfde, messias) zijn al de woorden, waarmee hij wordt aangeduid, door en door joods: mensenzoon, heer, rabbi, zoon van David, meester, profeet, knecht van God, herder enz.

– De belangrijkste ideeën en begrippen van zijn onderricht zijn joods. Jezus spreekt over: rijk Gods, de Allerhoogste, de Heilige, Abba, Heer van hemel en aarde, bekering, loon, schatten in de hemel, het breken van het brood en tientallen andere zegswijzen die alleen maar vanuit het jodendom te begrijpen zijn.

‘Het heil komt uit de joden, zegt het Johannes-evangelie (Joh.4,22), omdat de heilbrenger Jezus uit het jodendom kwam. Dat moet men zich voortdurend bewust blijven, of het de christenen bevalt of niet. De ‘ariër’ Jezus heeft nooit bestaan. Jezus was een jood, en hij zou geen messias zijn wanneer hij geen jood was geweest.

Aan de rechterhand van de Vader zit niet zomaar iemand, maar ‘de eeuwige jood’ Jezus van Nazaret. Zo is Jezus de blijvende ‘glorie voor zijn volk Israël’ (Lk.2,32). Uit hen, de joden, immers ‘stamt de Christus naar het vlees’ (Rom.9,5). De christen mag de jood de vraag stellen: Zal Israël ooit nog een beter iemand dan Jezus van Nazaret voortbrengen?’ (F.

Mussner). Jezus was een jood en niet de eerste christen, maar hij was meer dan zomaar een jood binnen zijn generatie. Was Jezus alleen maar jood was hij ook jood of was hij misschien anti-joods? Houdt het feit dat Jezus voelde, dacht en handelde als een joodse man uit de eerste eeuw in, dat hij binnen die joodse context bleef of barstte hij uit dit kader? Bleef Jezus binnen aanvaardbare grenzen van het jodendom of over schreed hij deze, zoals de evangelies lijken te suggereren? Was hij binnen het jodendom misschien een randfiguur die niet paste in de matrijs van de joodse levenswijze, ook al kon hij niet anders dan werken binnen de bestaande conventies van zijn tijd? Of stond hij als vrome jood in het centrum van het jodendom? Wat was zijn eigenheid? Deze vragen zijn niet gemakkelijk te beantwoorden.

In het onderzoek naar de historische Jezus heeft men soms beweerd dat wij overal, waar Jezus afwijkt van het beeld van het ons bekende jodendom, niet de echte Jezus ontmoeten. Men zei bijvoorbeeld: ‘Dat kan Jezus als jood onmogelijk gezegd hebben!’ En vervolgens bestempelde men die bewuste woorden van Jezus als onecht, als latere christelijke vervorming of interpretatie.

  1. Men moet echter rekening houden met Jezus’ originaliteit.
  2. Men kan niet zomaar bepaalde gedeelten van de evangelies als onhistorisch bestempelen, omdat wij ze niet goed kunnen combineren met ons beeld van het jodendom.
  3. Van de andere kant kan men ook niet zeggen: Overal waar Jezus zich origineel toont en zich onderscheidt van de joodse opvattingen en praktijken, daar komen we de historische Jezus tegen.

Voorzichtigheid blijft hier geboden en een nauwkeurig onderzoek is telkens nodig. Toch zijn er in Jezus’ gedrag en woorden met voldoende zekerheid dingen aan te wijzen, waarin zijn eigen stijl en originaliteit naar voren komt. Een nieuwe leer? Voor verreweg de meeste joden is Jezus een van de vele joodse leraren en een van de vele joodse slachtoffers van onderdrukking.

Voor christenen is Jezus dat ook, maar tegelijk meer. Hij is de gezaghebbende uitlegger van de tora, en zijn dood is niet zomaar de dood van een slachtoffer of martelaar, maar heeft een ongewone betekenis, omdat zijn dood te maken heeft met zijn bijzondere pretenties. Waarin bestond Jezus’ originaliteit? Allereerst moet worden opgemerkt dat Jezus’ leer een bijzondere indruk maakte.

De leraar Jezus genoot een bijzonder gezag, dat hij niet ontleende aan een rabbijnse opleiding of een speciale theologische scholing. Zijn toehoorders waren geestdriftig omdat Hij onderrichtte als iemand met gezag en niet als de schriftgeleerden (Mk.1,22).

  1. Jezus durfde zelfs te zeggen: ‘Neemt mijn juk op en kom bij mij in de leer’.
  2. Dit houdt in dat zijn juk verschilde van dat van schriftgeleerden en farizeeën: ‘Mijn juk is zacht en mijn last is licht’ (Mt.11,28-30).
  3. Jezus blijft in zijn onderricht en handelen over het algemeen binnen de normen van het jodendom, al staat hij soms op gespannen voet hiermee.

Op één punt kan men zich echter afvragen of hij de grenzen niet overschrijdt. Dat is in zaken die met de joodse rituele reinheid te maken hebben. Hij komt in nauw contact met melaatsen, die volgens de wet onrein waren en gemeden moesten worden. We kennen zijn radicale uitspraak: ‘Niets wat van buiten af in de mens komt, kan hem onrein maken.

  • Maar wat uit de mens komt, dat maakt hem onrein’ (Mk.7,15).
  • Wil Je­zus met deze krasse woorden alleen maar onderstrepen dat het gebod van de liefde voorrang heeft op de reinheidsvoorschriften of worden die regels principieel afgeschaft? In het laatste geval overschrijdt hij duidelijk de grenzen van wat volgens joden kan en lijkt hij zelfs kritiek te hebben op bepaalde onderdelen van de tora.

Omdat deze reinheidsbepalingen vooral ook te maken hadden met eten en drinken, vormden zij een grote barrière in het contact tussen joden en heidenen. Jezus wekt de indruk door deze uitspraak die barrière op te ruimen en de weg naar de heidenen te openen.

  • Zo heeft de oerkerk in elk geval zijn woorden verstaan.
  • Misschien mag Jezus zich persoonlijk gehouden hebben aan de voorschriften inzake rituele reinheid, zijn principiële standpunt was veel ruimer.
  • Wat Jezus op andere punten leerde is allemaal wel ergens te vinden in de schatkamer van het jodendom, maar hij weet het op te diepen en het te brengen in een nieuwe synthese.

Jezus’ genia­le werk is dat hij de vernieuwingstendenzen die in zijn tijd al leefden, samenvat, uitwerkt en ze enkele sterke, vooral sociale accenten meegeeft, zo zegt de joodse specialist David Flusser. De geleefde tora Voor elke zin van de bergrede bijvoorbeeld is het in principe mogelijk in de talrijke joodse geschriften wel ergens een parallelle uitspraak te vinden, maar je moet eerst het evangelie vóór je hebben om dat daadwerkelijk te kunnen.

Zij zijn verspreid over veel leraren, terwijl in het evangelie al die uitspraken door Jezus zijn samengebracht in een oorspronkelijke samenhang. De rijke joodse traditie in zijn meest intense en humane vorm wordt gepersonifieerd in Jezus. In hem krijgt ze een gezicht en handen en voeten. ‘De joodse overlevering vormde de steengroeve.

De grootheid van de architect (Jezus) blijkt uit het feit dat hij uit dit ruwe materiaal zijn eigen leergebouw oprichtte’ (P. Lapide). Nico ter Linden omschrijft dit aldus: ‘De originaliteit zit ‘m er niet zozeer in dat hij iets uit het niets gemaakt zou hebben, zijn originaliteit zit ‘m veeleer in zijn gehele eigen keuze van de woorden die opgeschreven staan, in zijn hartstocht voor de waarden die Israël (met Gods hulp, zo vermoeden gelovigen) in de loop der eeuwen bijeengesprokkeld heeft.

Jezus is zo onvergetelijk omdat hij zo oorspronkelijk is in de dappere doordenking en radicalisering van het voorhanden materiaal. Jezus werkt zo aanstekelijk doordat hij de heilige onbezorgdheid, zo schoon bezongen in de liederen van zijn volk, opnieuw gestalte gaf en zo zijn weg is gegaan, mild, in een zeldzame vrijheid, met ontferming bewogen, met gein en godsvertrouwen en in een niet aflatende liefde voor de mensen, tot de dood erop volgde’.

En wanneer Jezus in het Johannes-evangelie zegt: ‘Een nieuw gebod geef ik jullie: dat je elkaar liefhebt’ (Joh.13,34), wil dit niet zeggen dat hij iets nieuws leert, dat nooit eerder is gehoord, maar bedoelt hij dat hij dit gebod een nieuwe inhoud geeft.

Het oude gebod wordt nieuw door de manier waarop hij het invult en in praktijk brengt. Jezus belichaamt Gods woord, de tora, in levende lijve. Hij is ‘de wandelende tora’, het vlees geworden Woord van God. Jezus’ unieke plaats Een kenmerk van Jezus is verder dat men hem bij geen van de joodse stromingen of bewegingen uit die tijd kan onderbrengen.

Ofschoon hij bepaalde overeenkomsten vertoont met opvattingen die leefden binnen de verschillende toenmalige joodse groeperingen, uitgezonderd die van de priesterlijke tempelhiërarchie, de sadduceeën, is hij met deze groeperingen niet te vereenzelvigen.

Je kunt hem niet in een be­paalde partij onderbrengen, noch bij de farizeeën, noch bij de essenen, en evenmin bij de zeloten of de volgelingen van Johannes de Doper. Telkens springt hij eruit. Men heeft Jezus willen rangschikken onder de charismatische wonderdoeners, die tijdens de eerste eeuw in het jodendom optraden.

Hij vertoont meerdere overeenkomsten met deze chassidische vromen. Maar ook in vergelijking met deze wonderdoeners is hij anders. Hij overstijgt de grenzen van elke groepering en categorie. Wat Jezus echter vooral uniek maakt, is zijn soevereine volmacht, het bijzonder gezag dat hij zichzelf toekent,

Soms getuigen zijn woorden en daden van aanspraken, vaak zijn messiaans bewustzijn genoemd, die in het jodendom hun gelijke niet hebben. Hij is de enige ons bekende jood uit de oudheid die niet enkel verkondigd heeft dat men aan de rand van de eindtijd stond, maar tegelijk ook dat de nieuwe heilstijd reeds begonnen was.

Het type joodse messiasverwachting dat Jezus ontwikkeld en verkondigd heeft, is van een geheel eigen soort en ligt tegelijk toch helemaal ingebed in het denken van zijn volk. Die ongehoorde aanspraken maken het dat Jezus voor een joods gevoel toch buiten het kader van het doorsnee jodendom valt.

  • Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer Jezus durft te zeggen: ‘Je zonden zijn je vergeven’ (vgl.
  • Mk.2,5 en Lk.7,47).
  • Volgens de joden kan immers alleen God zonden vergeven en dat vond alleen plaats bij de offers in de tempel of op Grote Verzoendag.
  • Dat bijzondere van Jezus komt uiteindelijk voort uit het mysterieus contact dat de profeet uit Galilea heeft met zijn God, uit zijn unieke verhouding met zijn hemelse Vader, die hij op een eigen, innige wijze met ‘abba’, papa, aanspreekt.

‘In de jood Jezus komt iets totaal nieuws naar voren, dat niettemin toch joods blijft, maar niet terug te voeren is tot de voorafgaande joodse traditie. De tendens om op de messianiteit van Jezus kritiek uit te oefenen vanuit de voorafgaande joodse traditie of vanuit de latere joodse traditie.

ontkracht vaak Jezus’ eigenheid’ (E. Schillebeeckx). Men kan bij Jezus niet eenvoudigweg alles wat boven de maaigrens van het doorsnee jodendom uitsteekt, afdoen als onbestaanbaar of onhistorisch. Jodendom en christendom De sterkere bewustwording van het vanzelfsprekende feit dat Jezus een jood was uit het begin van onze jaartelling, heeft belangrijke consequenties.

Het betekent dat we Jezus niet langer kunnen plaatsen tegenover zoiets vaags als ‘het gewone jodendom’. Het jodendom kende een grote verscheidenheid van opvattingen en een pluriformiteit aan religieuze praktijken. Men kan Jezus dus niet meer zien als iemand die de leer van liefde en barmhartigheid stelde tegenover een hecht joods blok van legalisme en formalisme.

  1. Daarmee is niet gezegd dat Jezus geen kritiek zou hebben op bepaalde praktijken of niet afweek van de gangbare opvattingen, maar wel dat hij verstaan moet worden binnen de rijke diversiteit, die er in het jodendom bestond.
  2. Hoe men Jezus verder ook moet omschrijven: als een vrome, orthodoxe en vrij traditionele jood of als een marginale jood (de meningen hierover lopen nogal uiteen), hij reageerde op de bonte wereld rondom hem.

Jezus was voor zijn tijdgenoten een ‘begrijpelijk’ en ‘menselijk’ iemand die paste binnen hun leefwereld en niet iemand die overkwam als een wezen van een andere planeet. Wil men de figuur van Jezus werkelijk begrijpen, dan moet men steeds doordrongen blijven van het feit dat hij met zijn navelstreng verbonden is met het jodendom.

Daarmee is dan ook gezegd dat de oudtestamentische en joodse wortels van het christendom niet meer ongedaan gemaakt kunnen worden. Zouden we die willen vergeten, dan zagen we de tak door waarop wij, christenen, zitten. Het is pas na het jaar 70, na de val van Jeruzalem met de verwoesting van de tempel, dat het christendom definitief losraakt van het jodendom.

Voordien kon het christendom nog gezien worden als een variant van het joodse geloof, als een apokalyptische sekte binnen het jodendom. Sindsdien gaan beide hun eigen gang en maken een uiteenlopende ontwikkeling door. Het jodendom wordt een synagogale godsdienst, geleid door rabbijnen.

Nu de offercultus in de tempel is weggevallen wordt het jodendom helemaal de godsdienst van het boek. Het christendom wordt de religie voor mensen uit het heidendom. Vóór de catastrofe van het jaar 70 kon Paulus het christendom nog zien als een twijg, geënt op de stam van Israël: een loot van een wilde olijfboom, geënt op de veredelde olijfboom Israël en zodoende profiterend van het sap van de edele stam (vergelijk Rom.11,17).

Na deze datum worden jodendom en christendom veelmeer twee stromen, wel ontsproten aan één bron, maar ieder met zijn eigen bedding. Of misschien is de vergelijking van de ene moeder met twee dochters nog beter: beide zijn ‘dochters van Rebecca’ (A. Segal).

Dit beeld staat dichter bij de werkelijkheid van een familieverhouding, waar spanningen soms tot ontlading komen en relaties kunnen vertroebelen. Onderlinge banden ‘Het christendom is ontstaan binnen het jodendom en dus is het voor christenen onvermijdelijk zich te bezinnen op hun joodse wortels. Het christendom kan niet bestaan buiten het jodendom om, maar het omgekeerde kan wél’ (Leo Bakker).

In de latere geschiedenis is het christendom zich gaan beschouwen als ‘het nieuwe en ware Israël’ en het lijden van de joden als de straf voor de verwerping van de Messias. Dat had vaak vervolging of discriminatie van joden tot gevolg. Dit is de donkere zijde van de familierelatie.

Aan de positieve kant staat het feit dat de christelijke verkondigers aan niet-joden in de verste uithoeken van de wereld de God van Israël bekend hebben gemaakt. Toen de evangelieverkondigers uitzwermden over de wereld, reisden in hun bagage de oude verhalen van Israël mee. Dat was geen spontane inval van Jezus’ volgelingen, maar zij konden niet anders omdat Jezus (en de eerste leerlingen) waren gevoed en gevormd door die oude verhalen.

Zo is de schat van het joodse erfgoed, Abrahams zegen, door Jezus’ volgelingen vertaald en de hele mensenwereld binnengebracht. De verhouding van ons christenen met de joden beschouwend, kan Nico ter Linden concluderen: ‘Alles wat Israël de wereld gegeven heeft vinden we in Jezus verpersoonlijkt, daar houd ik het maar op.

Het hoogste en diepste dat God ons in Abraham schonk, zie ik in hem vlees en bloed geworden. En verder verheug ik me maar liever in wat ons bindt dan dat ik me druk maak over wat ons scheidt. Om maar ‘s wat te noemen: mét Israël mogen wij in de opstanding geloven. Mét de farizeeën geloofde Jezus daar ook al in.

En zijn wij met het oude volk ook niet één in onze verwachting van het messiaanse rijk?’ Ronald THIJSSEN C.P. Nog geen reacties op dit artikel. : Het Teken – nr 7, Januari 1996 – Jezus de jood. Een zoon van zijn volk – Tijdschriften

See also:  Welke Smurfen Zijn Er?

Wat is de eerste taal van de wereld?

Wat is de oudste taal? Van Nederland tot Frankrijk en van Duitsland tot China: veel landen hebben hun eigen taal. Maar wat is de oudste taal? Op de intrigerende vraag Wat is de oudste taal? komen we meerdere antwoorden tegen. Het Bijbelse antwoord luidt: het Hebreeuws, want dat spraken Adam en Eva in het paradijs.

  1. Die opvatting deelt de wetenschap niet.
  2. Een beter antwoord is: het Soemerisch.
  3. Dat is namelijk de taal van de oudst bewaard gebleven teksten, op kleitabletten van 3200 voor Christus (zie foto).
  4. Maar praten deed de mens al tienduizenden jaren eerder dan schrijven, dus de alleroudste taal is het Soemerisch niet echt.

Sommige mensen antwoorden: het Baskisch. Daarmee bedoelen ze dan dat er in Europa al Baskisch werd gesproken lang voordat de sprekers van de andere Europese talen hier arriveerden. Dat klopt misschien, maar het zegt niets over de leeftijd van al die talen zelf.

Bovendien bestaan er ook elders in de wereld, bijvoorbeeld in Papoea-Nieuw-Guinea, uiterst honkvaste groepen met stokoude talen. De allereerste mensen die konden praten zullen Homo sapiens in Afrika zijn geweest – of misschien zelfs nog voorlopers daarvan. Maar hoe die oertaal klonk, valt niet meer te achterhalen.

En een naam zal er destijds niet aan gegeven zijn. Ook een vraag voor de rubriek ‘KIJK antwoordt’? Mail hem naar ! Tekst: Gaston Dorren : Wat is de oudste taal?

Wie heeft de Bijbel bedacht?

4. De Bijbel is geschreven door meer dan 40 auteurs. – De boeken van de Bijbel zijn toegeschreven aan de helden van het Joodse en Christelijke geloof. Mozes kreeg de credits voor de eerste vijf boeken van de Bijbel, meest van de profeten kregen de credits voor de boeken die naar ze genoemd zijn, etc.

Maar de realiteit is een beetje complexer dan dat. Mozes heeft waarschijnlijk niet elk woord van Genesis tot en met Deuteronomium geschreven – hij stierf zelfs voordat sommige van de gebeurtenissen gebeurden! En er is een grote kans dat Jona niet Jona schreef, en Jesaja had waarschijnlijk wat hulp over de eeuwen heen, en ga zo maar door.

En, er zijn boeken waarvan we de auteurs niet eens weten.

Hoe oud is de eerste Bijbel?

Het einde van de canon – Op een gegeven moment is de canon afgesloten. Hoe gebeurde dat? Lang werd aangenomen dat Joodse rabbijnen de canon van de Hebreeuwse Bijbel afsloten tijdens een soort van een ‘concilie’ in het stadje Jamnia, ongeveer in het jaar 100 voor Christus.

  1. Van der Toorn wijst er echter op dat vakgenoten inmiddels de conclusie hebben getrokken dat dit concilie een verzinsel is van christenen.
  2. Wel ziet hij twee motieven waarom de canon destijds afgesloten werd.
  3. Het eerste is de openbaarmaking van de Torah, de vijf eerste Bijbelboeken, als wet van het land.

Deze werd gezien als gegeven door God, gelegitimeerd door de koningen opgelegd door de profeten Ezra en Nehemia. Dat had een duidelijk politiek motief. Het tweede motief is de leer van het profetische tijdperk, die twee eeuwen later werd afgekondigd. Daarmee werden mensen die daarna nog zeiden door God geïnspireerd te zijn, de mond gesnoerd.

  1. De canon was immers afgesloten.
  2. De echte profeten stonden in de profetische boeken en alleen de schriftgeleerden wisten hoe je die moest interpreteren.
  3. Voordat je ‘een bijbel’ hebt, moet ook het idee bestaan dat de tijd van de openbaring is afgesloten.
  4. Dat zie je zo rond 300 voor Christus in de Hellenistische periode – na de verovering door Alexander de Grote en zijn opvolgers – dat de gedachte dat God zich te kennen heeft gegeven is afgesloten met de ballingschap.

Dat is ook het criterium dat wordt gebruikt om vast te stellen of een boek geïnspireerd is of alleen maar menselijk. Daniël wordt als goddelijk boek gezien, omdat men in die tijd – ten onrechte – dacht dat het uit de tijd van de ballingschap kwam.” Karel van der Toorn, Wie schreef de Bijbel? De ontstaansgeschiedenis van het Oude Testament. Voorzitter CvB Universiteit van Amsterdam

Hoe ziet God er in het echt uit?

Vader – Nu deze strijd was uitgevochten, durfden kunstenaars aan het eind van de Middeleeuwen ook God zelf te schilderen. Maar hoe zag God er eigenlijk uit? Eeuwenlang was God immers niet geschilderd en was er hoogstens een hand laten zien. Kunstschilders gingen hiervoor terug naar de Bijbel, waar in Genesis 1:27 geschreven staat: ‘God schiep de mens naar zijn evenbeeld, als evenbeeld van God schiep hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep hij de mensen.’ God zag er dus uit als een mens. Welke Taal Sprak Jezus Michelangelo – Creatie van de Zon, Maan en Planeten Welke Taal Sprak Jezus Michelangelo – God Welke Taal Sprak Jezus Michelangelo – de Creatie van Adam

Wat is de echte geboortedatum van Jezus?

De Bijbelse Jezus is 2 jaar jonger dan de historische Jezus. Hij is niet op 25 december in het jaar 0 geboren, maar op 17 juni in 2 voor Christus.

Waar is het echte graf van Jezus?

Heilig Graf in Jeruzalem weer open na grondige restauratie Welke Taal Sprak Jezus Reuters Het gerestaureerde graf in de kerk in Jeruzalem NOS Nieuws • maandag 20 maart 2017, 20:14 • Aangepast dinsdag 21 maart 2017, 10:55 In Jeruzalem is de restauratie afgerond van het Heilig Graf, waar volgens de Bijbel Jezus begraven lag voor zijn opstanding.

Het graf ligt in de gelijknamige kerk in het oude, ommuurde deel van Jeruzalem en geldt als een van de belangrijkste monumenten van het christendom. Meer dan vijftig experts, onder wie archeologen, ingenieurs en restauratoren, hebben de afgelopen maanden opgeknapt en verstevigd die om het graf heen is gebouwd.

Ook hebben ze graafwerkzaamheden uitgevoerd om meer te weten komen over de inhoud en omvang van het rotsgraf. Na het verwijderen van eeuwenoude, marmeren platen, kwamen de onderzoekers een soort bank tegen, die groot genoeg is om het lichaam van een volwassen man op te leggen.

Volgens de christelijke traditie werd Jezus gekruisigd op de berg Golgotha en werd zijn lichaam daarna op een steen in een rotsgraf gelegd. De franciscaner pater Eugenio Aliata, hoogleraar christelijke archeologie in Jeruzalem, noemt de vondst van de bank historisch. “Het is heel belangrijk om te zien dat er een bank is, heel plat en bijna intact, ongeveer in de vorm dat iemand erop kan liggen.

Het is nu voor het eerst dat het is gedocumenteerd en vastgelegd.” Welke Taal Sprak Jezus Heilig Graf in Jeruzalem gaat weer open na restauratie De behuizing rond de vermoedelijke begraafplaats van Jezus is vier keer herbouwd; de laatste keer na een brand in 1810. In 1947 is het bouwwerk door een Brits bedrijf gestut met stalen balken. Welke Taal Sprak Jezus Reuters De kapel rond het graf Bij de restauratiewerkzaamheden zijn de balken en een deel van de muur vervangen. De scheuren in de rotsblokken zijn gevuld met speciale mortel. Ook zijn de stenen en het marmer schoongemaakt. Die hadden door de kaarsen een zwarte roetlaag gekregen.

Het graf is nu ook aardbevingsbestendig gemaakt. De restauratie heeft tien maanden geduurd en kostte 3,5 miljoen euro. Het beheer van de Heilig Grafkerk in Jeruzalem is in handen van verschillende christelijke stromingen. De Rooms-Katholieke en de Armeens- en Grieks-orthodoxe kerk betalen mee aan de renovatiekosten.

Ook is er geld beschikbaar gesteld door het World Monuments Fund, een particuliere organisatie, en een reeks andere donateurs. Deel artikel: : Heilig Graf in Jeruzalem weer open na grondige restauratie

Welke taal sprak Abraham?

Jezus sprak Aramees. Mel Gibson ook – maar niet goed, zo ontdekken we. En verder, als geintje: Jozef en Maria bij de herberg, in het Aramees. – Het meertalige, Heilige Land Jezus sprak Aramees. Dat mag Holger Gzella, specialist op het gebied van Aramese taalkunde aan de universiteit van Leiden én auteur van het vorige week verschenen boek De eerste wereldtaal, wel zo zeggen.

  1. Al moet daaraan toegevoegd worden: de taalsituatie in het Heilige Land was complex.
  2. Het Hebreeuws was de inheemse taal, maar in het alledaagse gebruik is die mijns inziens al vóór de tweede eeuw v.Chr.
  3. Vervangen door het Aramees,’ legt Gzella uit.
  4. Het Aramees werd namelijk gebruikt door het Perzische Rijk, dat toentertijd heerser was over het gebied.

Ook kwamen er in de Perzische tijd grote aantallen Arameestaligen wonen, na een periode van fikse bevolkingsdaling. Wel bleef het Hebreeuws gehandhaafd in bijvoorbeeld de uitleg van de religieuze wet.’ Toen de Romeinen in 63 v.Chr. Palestina veroverden, introduceerden zij nóg een voertaal: het Grieks, zoals in het gehele oostelijke gedeelte van hun rijk.

Toch bleef het Aramees courant in het gebied. Gzella: ‘Het was een meertalige maatschappij. In sommige steden en in sommige sociale lagen zal het Grieks verder verspreid zijn geweest dan op het platteland. Ook Jezus zal enkele Griekse woorden hebben gekend. Hij zal ook zeker enige kennis van het Hebreeuws hebben gehad.

Toch denk ik dat hij en zijn ouders Arameestalige mensen zijn geweest. In de meeste situaties van zijn dagelijks leven sprak hij Aramees. Althans, zijn dialect ervan, uit Galilea.’ Citaten van Jezus Wat is er eigenlijk aan Aramees terug te vinden in de Bijbel? Het Nieuwe Testament, het deel waarin de daden van Jezus worden beschreven, is in het Grieks opgesteld en overgeleverd.

Toch staan er enkele Aramese uitspraken in die aan Jezus worden toegeschreven. In het verhaal over Jaïrus (Lucas 8:54) bijvoorbeeld, wiens twaalfjarige dochter zojuist is gestorven, zegt Jezus: ‘Talita koem!’ Meisje, sta op! Dat deze Aramese formule midden in een Griekse tekst opduikt, is niet gek, zegt Gzella: het was een rituele uitspraak, dus die snapten de mensen wel.

Net als die bij de genezing van een doofstomme (Marcus 7: 31-37): Effata! Ga open! – wat op de oren van de dove betrekking heeft. In het Oude Testament komt Aramees vaker voor. Hoewel de oorspronkelijke taal het Hebreeuws is – het Oude Testament wordt niet voor niets ook wel de Hebreeuwse Bijbel genoemd – zijn enkele delen van de originele brontekst in het Aramees gesteld.

Een deel van het boek Ezra bijvoorbeeld, en de helft van het boek Daniël. Het Oude Testament is over een periode van duizend jaar geschreven, en Daniël is het laatste boek dat afgerond werd, in de tweede eeuw v.Chr. Klanken van Jezus (en van Mel Gibson) Tot zover de schrijftaal. Hoe kom je er nou achter hoe dat Aramees van Jezus geklonken heeft? Dat is een heel gepuzzel, legt Gzella uit.

‘We kunnen nalezen hoe Aramese woorden in transcriptie zijn opgeschreven, zoals ‘talita koem’ in het Grieks. Ook bestaan uit een latere periode zogeheten gevocaliseerde teksten: teksten waarin klinkers aangeduid worden.’ Handig, omdat geschreven Aramees alleen de medeklinkers weergeeft, net als het klassieke Hebreeuws.

‘Daar kom je weleens spellingsinconsistenties tegen. Dan heeft iemand een woord opgeschreven op een manier die niet klopt met de officiële spelling van het Perzische rijk, maar die wel overeenkwam met zijn eigen spreekvariant. Uit dat soort dingen kun je de uitspraak van het Aramees afleiden.’ Als dat zo is: hoe deed Mel Gibson het dan in zijn prestigestuk The Passion of the Christ uit 2004? Nou, niet zo goed.

De taaladviseur van Gibson heeft er een rommeltje van gemaakt, een steenkolenaramees, zegt Gzella. ‘Ze hebben verschillende variëteiten van het Aramees, ook uit een veel latere tijd, op één hoop gegooid, en de uitspraak op een veel vroegere periode teruggeprojecteerd.

Het is een leuke grap, maar we kunnen vrijwel zeker weten dat het Aramees toen anders geklonken heeft.’ Natuurlijk, historische fonologie is moeilijk. ‘Maar toch zit er heel wat licht tussen helemaal niets weten en de uitspraak perfect kunnen destilleren.’ Taalgids: zoek een slaapplaats in het Aramees Hoe zou de zoektocht van Jozef en Maria naar een overnachting in een herberg in Bethlehem eigenlijk geklonken hebben? Nou, dat weet professor doctor Gzella niet, en hij vindt terugvertalingen bovendien maar weinig academisch.

Daarom beperken we ons bij het volgende geintje maar tot de schrijftaal en benadrukken wij dat meneer Gzella er niets mee te maken heeft gehad. Dat gezegd hebbende: als je ooit in het Heilige Land van tweeduizend jaar geleden verzeild raakt en je bent Airbnb vergeten, zoek dan een slaapplaats met onderstaande taalgids! Wat & Hoe in het Aramees * Jozef, Maria en hun vergeefse smeekbede aan een herbergier Welke Taal Sprak Jezus De Aramese diaspora Na de Romeinse periode, dankzij welke we Aramese inscripties terugvinden van Palmyra tot in Engeland, ging de eenheid in het Aramees verloren. Er bleef een lappendeken aan dialecten over. Sprekers van naburige varianten konden elkaar nog wel verstaan, maar toen in de zevende eeuw het Arabisch zich begon uit te breiden door het Midden-Oosten, ontstonden taaleilandjes, die zich vervolgens op een eigen manier ontwikkelden.

  • Tegenwoordig bestaan er tientallen verschillende dialecten van het Aramees, gesproken door vele tienduizenden mensen, die niet wederzijds verstaanbaar zijn.
  • In Nederland hebben Arameestaligen zich vooral in Enschede geconcentreerd, waar dan ook een Syrisch-orthodox klooster staat.
  • Daar wordt klassiek Syrisch gebruikt, een Aramese literaire taal die in status vergelijkbaar is met onze traditionele kerktaal: Latijn.

Maar aan het altaar in Enschede sta je dus, taalkundig gezien, nét iets dichter bij Jezus.

Hoeveel broers en zussen heeft Jezus?

Broers en zussen van Jezus in de Bijbel – Hoewel volgens Matteüs Jezus uit een maagd werd geboren, doet de tekst geen uitspraken over het huwelijksleven van Maria en Jozef na de geboorte van Jezus of dat Maria maagd zou zijn gebleven na de geboorte van Jezus. De vier evangeliën vertellen over broers en twee ervan noemen ook zussen van Jezus:

  • Matteüs 12: 46, Marcus 3:31 en Lucas 8:19: “zijn broers”
  • Matteüs 13: 55, 56 en Marcus 6:3: “zijn broers” worden met name genoemd (Jakobus, Jozef / Joses, Simon en Juda) en “zijn zusters”
  • Johannes 2:12: “zijn broers”
  • Johannes 7:3-5 en 10: “Jezus’ broers”
  • 1 Korintiërs 9:5: “de broers van de Heer”

Hoe noemde Maria de Here Jezus?

5. Noli me tangere: Joh 20,17 – In Joh.20 bezoekt Maria Magdalena het graf van Jezus. Ze ziet de weggerolde steen en gaat de leerlingen melden dat het lichaam weg is. Als de andere leerlingen na hun bezoek aan het graf opnieuw weggegaan zijn, staat Maria Magdalena nog steeds te huilen bij het graf.

  1. Wanneer ze een man ziet, denkt ze dat het de tuinman is en vraagt hem of hij weet waar Jezus is.
  2. De tuinman is echter Jezus zelf die Maria aanspreekt en bij naam noemt.
  3. Pas dan herkent Maria Jezus, die ze benoemt met zijn ‘aardse’ titel Rabboeni.
  4. Jezus antwoordt echter met ‘Noli Me Tangere’ en verklaart deze enigmatische uitspraak met de mededeling dat hij nog niet naar de Vader is opgestegen.

Hij geeft Maria de boodschap mee aan de leerlingen te verkondigen dat Hij verrezen is. ‘Noli me tangere’ is de Latijnse versie van de oorspronkelijke Griekse uitdrukking ‘mê mou haptou’. Deze drie woorden kunnen op verschillende manieren vertaald worden: ‘raak me niet aan’, ‘houd me niet vast’, ‘nader me niet’ enzovoort.

Afhankelijk van de vertaling interpreteert men Maria Magdalena’s handeling verschillend. Probeert ze Jezus aan te raken/te omhelzen/vast te grijpen en is dit toegelaten of niet? Of heeft ze Jezus omhelsd en moet zij zich instellen op een nieuwe relatie tot de verrezen Christus? Houdt zij hem vast en moet zij hem loslaten zodat zij elk hun eigen weg kunnen gaan? Wat de oorspronkelijke betekenis ook was, de drie woorden ‘ Noli me tangere’ veroorzaakten doorheen de geschiedenis een ketting aan betekenissen en interpretaties.

Vandaar dat het diverse interessante invalshoeken biedt in verschillende theologische disciplines, zoals de exegese, de pastoraal, de kunst- en kerkgeschiedenis, Deze diverse invalshoeken worden in dit pakket uitvoerig afzonderlijk behandeld. Hier willen we enkel stilstaan bij de diversiteit aan betekenissen die deze woorden scheppen.

Wat is de jongste taal ter wereld?

Wat is de jongste taal ter wereld? – Volgens taalkundigen is de jongste taal ter wereld Afrikaans, gesproken in Zuid-Afrika, De taal komt uit de Germaanse talenfamilie en stamt af van Nederlandse en Duitse protestanten die op de vlucht waren voor vervolging door de rooms-katholieke kerk in de 17e eeuw.

See also:  Welke Kleur Is L Bij Stroom?

Wat zijn de 3 wereldtalen?

De top 10 meest gesproken talen ter wereld

Nr. Taal Hoeveelheid sprekers
1. Mandarijn Chinees 1248 miljoen
2. Spaans 437 miljoen
3. Engels 372 miljoen
4. Arabisch 295 miljoen

Wat zijn de eerste 3 woorden van de Bijbel?

Tekstfragment – IN het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was woest en leeg; duisternis lag over de diepte, en de geest van God zweefde over de wateren. Toen zei God: ‘Er moet licht zijn!’ En er was licht. En God zag dat het licht goed was.

God scheidde het licht van de duisternis; het licht noemde God dag, en de duisternis noemde Hij nacht. Het werd avond en het werd ochtend; dat was de eerste dag. En God zei: ‘Er moet een uitspansel zijn tussen de wateren, een afscheiding tussen het ene water en het andere.’ En God maakte het uitspansel; Hij scheidde het water onder het uitspansel van het water erboven.

Zo gebeurde het. Het uitspansel noemde God hemel. Het werd avond en het werd ochtend; dat was de tweede dag. En God zei: ‘Het water onder de hemel moet naar één plaats samenvloeien, zodat het droge zichtbaar wordt.’ Zo gebeurde het. Het droge noemde God land, en het samengevloeide water noemde Hij zee.

  • En God zag dat het goed was.
  • En God zei: ‘Het land moet zich tooien met jong groen gras, zaadvormend gewas en vruchtbomen die ieder naar zijn soort hun vruchten dragen, met zaad erin.’ Zo gebeurde het.
  • En uit het land schoot jong groen op, gras, zaadvormend gewas, in allerlei soorten, en bomen die ieder naar zijn soort hun vruchten droegen, met zaad erin.

En God zag dat het goed was. Het werd avond en het werd ochtend; dat was de derde dag. En God zei: ‘Er moeten lichten zijn aan het hemelgewelf, die de dag van de nacht zullen scheiden; zij moeten als tekens dienen, voor zowel de feesten als voor de dagen en de jaren, en als lampen aan het hemelgewelf om de aarde te verlichten.’ Zo gebeurde het.

  • God maakte de twee grote lampen, de grootste om over de dag te heersen, de kleinste om te heersen over de nacht, en Hij maakte ook de sterren.
  • God gaf ze een plaats aan het hemelgewelf om de aarde te verlichten, om te heersen over de dag en over de nacht, en om het licht van de duisternis te scheiden.

En God zag dat het goed was. Het werd avond en het werd ochtend; dat was de vierde dag. En God zei: ‘Het water moet wemelen van dieren en boven het land moeten de vogels vliegen langs het hemelgewelf.’ Toen schiep God de grote zeemonsters* en al de krioelende dieren, waar het water van wemelt, soort na soort, en al de gevleugelde dieren, soort na soort.

En God zag dat het goed was. God zegende ze en Hij sprak: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk; bevolk het water van de zee, en laat de vogels talrijk worden op het land.’ Het werd avond en het werd ochtend; dat was de vijfde dag. En God zei: ‘Het land moet levende wezens voortbrengen van allerlei soort: tamme dieren, kruipende dieren en wilde beesten van allerlei soort.’ Zo gebeurde het.

God maakte de wilde beesten op het land, soort na soort, de tamme dieren, soort na soort, en alles wat over de grond kruipt, soort na soort. En God zag dat het goed was. En God zei: ‘Nu gaan Wij de mens maken, als beeld van Ons, op Ons gelijkend; hij zal heersen over de vissen van de zee, over de vogels van de lucht, over de tamme dieren, over alle wilde beesten en over al het gedierte dat over de grond kruipt.’ En God schiep de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep Hij hem; mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen.

God zegende hen, en God sprak tot hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk; bevolk de aarde en onderwerp haar; heers over de vissen van de zee, over de vogels van de lucht, en over al het gedierte dat over de grond kruipt.’ En God zei: ‘Hierbij geef Ik alle zaadvormende gewassen op de hele aardbodem aan jullie, en alle bomen met zaaddragende vruchten; zij zullen jullie tot voedsel dienen.

Maar aan alle wilde beesten, aan alle vogels van de lucht en aan alles wat over de grond kruipt, aan alles wat dierlijk leven heeft, geef Ik al het groene gewas als voedsel.’ Zo gebeurde het. God bekeek alles wat Hij gemaakt had, en Hij zag dat het heel goed was.

  • Het werd avond en het werd ochtend; dat was de zesde dag.
  • Hoofdstuk 2 Zo werden de hemel en de aarde voltooid, en alles waarmee ze toegerust zijn.
  • Op de zevende dag bracht God het werk dat Hij verricht had tot voltooiing.
  • Hij rustte op de zevende dag van al zijn werk dat Hij verricht had.
  • God zegende de zevende dag en maakte hem heilig, want op die dag rustte God van al het werk dat Hij scheppend tot stand had gebracht.

Dit is de geschiedenis van het ontstaan van de hemel en de aarde, zoals ze geschapen zijn.

Wat is de juiste Bijbel?

De Bijbel: kiezen uit alle varianten? Ga naar Schuilplaatsboeken.nl Als u op zoek bent naar een Bijbel, dan is de keuze enorm, zowel op het gebied van bijbelvertalingen als van de uitvoering van de Bijbels. Wij adviseren u graag en helpen u bij het vinden van een Bijbel die bij u past.

Wat is een goede Bijbelvertaling? Lifestyle-bijbels Studiebijbel kopen?

De vraag wat een goede Bijbelvertaling is, is niet eenvoudig te beantwoorden. Doeltaalgericht en brontaal getrouw zijn begrippen di al snel in beeld komen. Is leesbaarheid en begrijpelijkheid voor u belangrijk? Of moet de vertaling zo exact mogelijk een weergave bieden van de oorspronkelijke Hebreeuwse en Griekse teksten, ook als dat ten koste gaan van de begrijpelijkheid? Bij Schuilplaatsboeken.nl kunt u kiezen uit alle in Nederland verkrijgbare Bijbelvertalingen.

  1. Ook verkopen wij Bijbels in tientallen andere talen.
  2. Ijk hier voor.De Bijbel in Gewone Taal (BGT) is een Bijbel in begrijpelijke taal voor iedereen.
  3. De zinnen zijn kort en lopen goed.
  4. Moeilijke beeldspraak wordt uitgelegd.
  5. De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) bestaat sinds 2004 en is een vertaling in hedendaags Nederlands.

De Statenvertaling (SV) is de eerste echte complete Nederlandse Bijbelvertaling die regelrecht uit het oorspronkelijke Hebreeuws, Aramees en Grieks werd vertaald. De Herziene Statenvertaling (HSV) uit 2010 is een herziening van de Statenvertaling uit 1637 in meer hedendaags Nederlands.

De Naardense Bijbel benadert wat ‘letterlijk’ in de Hebreeuwse Bijbel en het Griekse Nieuwe Testament staat en de Willibrordvertaling is een Nederlandstalige Bijbelvertaling uitgegeven door de Katholieke Bijbelstichting.Voor peuters, kleuters, 6 tot 12 jarigen, tieners en jongeren hebben wij een ruime sortering Kinderbijbels.

Een Kinderbijbel is een eenvoudige uitgave van de gewone Bijbel meestal aangevuld met mooie afbeeldingen. Voor tieners en jongeren is er de Jongerenbijbel. In de Jongerenbijbel vind je speciale extra’s en uitleg voor jongeren.Zoekt u een bijbel die echt bij u past, ook qua design en eventuele extra’s? Dan zijn er verschillende speciale edities die passen bij uw lifestyle.Voor mannen en vrouwen zijn speciale edities van de Bijbel verkrijgbaar.

Namelijk de Mannenbijbel, deze bevat de volledige tekst van de Herziene Statenvertaling, aangevuld met extra teksten en weetjes speciaal gericht op mannen. Voor vrouwen is verkrijgbaar de Vrouwenbijbel, hierin vindt u interessante themapagina’s, meditaties en biografieën van vrouwen uit de Bijbel.Wanneer u graag een Bijbel wilt met een speciaal uiterlijk dan kiest u voor een Limited Edition Bijbel.

Met enige regelmaat brengt Royal Jongbloed bijzondere of exclusieve edities uit. Deze Bijbels worden eenmalig in een beperkte oplage gedrukt. Ook voor deze bijbels kunt u terecht bij Schuilplaatsboeken.nlWilt u een Bijbel die aangevuld is met extra aantekeningen, inleidingen en kaartjes dan is een Studiebijbel een verdiepend hulpmiddel bij het lezen van de Bijbel.

Trouwbijbels / Huwelijksbijbels Voor een bruidspaar zijn er speciale Huwelijksbijbels te koop. De Huwelijksbijbel wordt vaak cadeau gedaan door een kerkelijke gemeente aan een bruidspaar. Een huwelijksbijbel is voorzien van een familieregister en opdrachtformulier namens de kerkelijke gemeente.Een Schoolbijbel is geschikt voor gebruik in de klas of is een mooi afscheidscadeau voor de groep 8-ers die de school verlaten.

Voor gebruik in de kerk kunt u kiezen voor een Bijbel met Psalmen en gezangen. U hebt de keuze uit een Bijbel met Psalmen die ritmisch gezongen worden, of die niet ritmisch gezongen worden. Een Bijbel met Psalmen in de oude berijming uit 1773, of een Bijbel met Psalmen in de nieuwe berijming uit 1967.Bent u creatief dan kunt u aan de slag met Biblejournaling in de Schrijfbijbel NBV.

  1. Dit is een Bijbel met extra dik papier en veel ruimte voor tekeningen en aantekeningen rondom de bijbeltekst.
  2. In het najaar van 2018 zal ook de HSV Notitiebijbel verschijnen.Hebt u de juiste Bijbel gevonden? Dan kunt u nog kiezen uit allerlei verschillende uitvoeringen o.a.hardcover, leer, vivella, linnen, goudsnee, met duimgreep, met rits, verschillende kleuren, verschillende maten.

Wanneer u meer informatie wenst over de verschillende bijbelvertalingen, dan kunt u die vinden bij onze toelichting op Nederlandse bijbelvertalingen. : De Bijbel: kiezen uit alle varianten? Ga naar Schuilplaatsboeken.nl

Wat is het meest gebruikte woord in de Bijbel?

Woorden die we het meest zoeken in de Bijbel: liefde, licht en vrede – Nederlands Dagblad. De kwaliteitskrant van christelijk Nederland.

Wat is de heilige taal?

Bijlage A. Talen – ISO 639 codelijst Controleer alstublieft de voor meer en meest recente informatie over taalcodes. Tabel A.1. ISO 639-1/639-2 lijst voor taalcode

Naam taal ISO 639-1 ISO 639-2
Abchazisch ab abk
Afar aa aar
Afrikaans af afr
Akan ak aka
Albanees sq sqi
Amharisch am amh
Arabisch ar ara
Aragonees an arg
Armeens hy hye
Assamees as asm
Avarisch av ava
Avestaans ae ave
Aymarees ay aym
Azerbeidzjaans az aze
Bambara bm bam
Basjkiers ba bak
Baskisch eu eus
Wit-Russisch be bel
Bengaals bn ben
Bihari bh bih
Bislama bi bis
Bosnisch bs bos
Bretons br bre
Bulgaars bg bul
Birmaans my mya
Catalaans ca cat
Chamorro ch cha
Tsjetsjeens ce che
Chichewa, Chewa, Nyanja ny nya
Chinees zh zho
Tsjoevasjisch cv chv
Cornisch kw cor
Corsicaans co cos
Cree cr cre
Kroatisch hr hrv
Tsjechisch cs ces
Deens da dan
Divehi, Dhivehi, Maledivisch dv div
Nederlands nl nld
Dzongkhaans dz dzo
Engels nl eng
Esperanto eo epo
Ests et est
Ewe ee ewe
Faeröers fo fao
Fijisch fj fij
Fins fi fin
Frans fr fra
Fula, Fulah, Pulaar, Pular ff ful
Galisisch gl glg
Georgisch ka kat
Duits de deu
Grieks, modern el ell
Guaraní gn grn
Gujarati gu guj
Haïtiaans, Haïtiaans Creools ht hat
Hausa ha hau
Hebreeuws (modern) he heb
Herero hz her
Hindi hi hin
Hiri Motu ho hmo
Hongaars hu hun
Interlingua ia ina
Indonesisch id ind
Interlingue ie ile
Iers ga gle
Igbo ig ibo
Inupiaq ik ipk
Ido io ido
IJslands is isl
Italiaans it ita
Inuktitut iu iku
Japans ja jpn
Javaans jv jav
Kalaallisut, Groenlands kl kal
Kannada kn kan
Kanuri kr kau
Kasjmiers ks kas
Kazachs kk kaz
Centraal Khmer km khm
Kikuyu, Gikuyu ki kik
Kinyarwanda rw kin
Kirgizisch, Kirgizies ky kir
Komi kv kom
Kongo kg kon
Koreaans ko kor
Koerdisch ku kur
Kwanyama, Kuanyama kj kua
Latijns la lat
Luxemburgs, Letzeburgs lb ltz
Lugandees lg lug
Limburgs li lim
Lingala ln lin
Laotiaans lo lao
Litouws lt lit
Luba-Katanga lu lub
Lets lv lav
Manx gv glv
Macedonisch mk mkd
Malagasisch mg mlg
Malayalam ms msa
Maleis ml mal
Maltees mt mlt
Māori mi mri
Marathisch (Marāṭhī) mr mar
Marshallees mh mah
Mongools mn mon
Nauru na nau
Navajo, Navaho nv nav
Noors Bokmål nb nob
Noord-Ndebele nd nde
Nepalees ne nep
Ndonga ng ndo
Noors Nynorsk nn nno
Noors no nor
Yi ii iii
Zuid-Ndebele nr nbl
Occitaans oc oci
Ojibweg, Ojibwa oj oji
Oudkerkslavisch, Kerkslavisch, Oerslavisch, Oudbulgaars cu chu
Afaan Oromo om orm
Oriyaans or ori
Ossetisch os oss
Punjabi pa pan
Pāli pi pli
Perzisch fa fas
Pools pl pol
Pasjtoe, Pashto, Pushto ps pus
Portugees pt por
Quechua qu que
Romaans rm roh
Rundi rn run
Roemeens, Moldavisch, Moldovaans ro ron
Russisch ru rus
Sanskriet (Saṁskṛta) sa san
Sardisch sc srd
Sindhi sd snd
Noord-Samisch se sme
Samoaans sm smo
Sango sg sag
Servisch sr srp
Schots Keltisch, Keltisch gd gla
Shona sn sna
Sinhala, Singalees si sin
Slowaaks sk slk
Sloveens sl slv
Somalisch so som
Zuid Sothees st sot
Spaans, Castiliaans es spa
Soendanees su sun
Swahili sw swa
Swatisch ss ssw
Zweeds sv swe
Tamil ta tam
Telugu te tel
Tadzjieks tg tgk
Thais th tha
Tigrinyaans ti tir
Tibetaans Standaard, Tibetaans, Centraal bo bod
Turkmeens tk tuk
Tagalog tl tgl
Tswanees tn tsn
Tonga (Tonga-eilanden) to ton
Turks tr tur
Tsongees ts tso
Tataars tt tat
Twi tw twi
Tahitiaans ty tah
Oeigoers ug uig
Oekraïns uk ukr
Urdu ur urd
Oezbeeks uz uzb
Venda ve ven
Vietnamees vi vie
Volapük vo vol
Waals wa wln
Welsh cy cym
Wolof wo wol
Westfries fy fry
Xhosa xh xho
Jiddisch yi yid
Yoruba yo yor
Zhuang, Chuang za zha
Zulu, Zoeloe zu zul

Bijlage A. Talen – ISO 639 codelijst

Wie spreekt er Aramees?

Aramese taal – Zie Aramees voor het hoofdartikel over dit onderwerp. Het Aramees behoort tot de Semitische talen en was sinds 700 v.Chr. tot de 3e eeuw n.Chr. de voertaal in het Midden-Oosten, Aramees was ook de taal van Jezus Christus en de apostelen, Door de expansie van de Arameeërs over grote delen van het Midden-Oosten verspreidde ook hun taal zich en werd het ingevoerd als de officiële taal van wereldrijken zoals Babylonië en het Perzische Rijk,

  1. De taal werd gebruikt als diplomaten- en handelstaal.
  2. Vijf eeuwen voor onze jaartelling werd het Aramees ook wel Rijks-Aramees genoemd.
  3. Ook in het Babylonische rijk werd dit Rijks-Aramees gebruikt, maar zijn hoogtepunt bereikte het tijdens zesde eeuw voor Christus tot 330 na Christus.
  4. Lang nadien deed het nog zijn invloed gelden.

Om enkele voorbeelden te noemen: In Afghanistan is een tweetalige tekst gevonden Grieks/Aramees, die de bekering van de Indische koning Aśoka tot het boeddhisme (± 250 v.Chr.) beschrijft. Ook deze tekst is een bewijs van de invloed van het Aramees, een invloed die zelfs buiten de grenzen van het voormalige Perzische rijk reikte. Verspreiding van de Aramese taal Zoals elke taal kent ook het Aramees vele dialecten, Dialecten van de taal die ooit ontwikkeld werden door de oude, voorchristelijke Arameeërs, bestaan vandaag de dag nog steeds en worden in het Nabije Oosten hoofdzakelijk gesproken door groepen christenen, joden en in mindere mate door moslims.

  • West Neo-Aramees (ܣܪܝܘܢ, Suryon ) dat gesproken wordt in de Aramese stadjes Maaloula, Jubb’adin en Bakh’a ten noordoosten van de Syrische hoofdstad Damascus,
  • Centraal Neo-Aramees (ܛܘܪܝܐ, Turoyo ) dat voornamelijk gesproken wordt in Zuidoost-Turkije, Syrië en delen van Libanon,
  • Noordoost Neo-Aramees (ܣܘܪܝܬ, Sureth ) dat voornamelijk gesproken in wordt Noord-Irak.

Waar komt de uitspraak Jezus mina vandaan?

Jezus mina is verbastering – Ooit zeiden mensen Jesu Domine : Latijn voor ‘Jezus de Heer’. In de loop der eeuwen verdween de lettergreep ‘do’ en werd de rest op verschillende manieren verhaspeld. Zo ontstonden ‘jezus mina’ en allerlei variaties daarop.

Wat is God in het Aramees?

Aramees – Er is echter geen reden voor verontrusting. Het Arabische woord ‘Allah’ is taalkundig nauw verwant aan de Hebreeuwse Godsnaam Elohim (God). Via het Aramees is deze naam in het Arabisch terecht gekomen. Lang voordat de islam ontstond op het Arabische schiereiland, werd de uitdrukking ‘Allah’ al gebruikt door christenen ter plaatse om te verwijzen naar de God van de Bijbel.

  • De uitdrukking ‘Allah’ kan dus evengoed verwijzen naar de God van de Bijbel als naar de god van de Koran.
  • Wanneer christenen in Indonesië en elders de uitdrukking ‘Allah’ gebruiken, verwijzen ze daarmee naar de God van de Bijbel.
  • En wanneer moslims de uitdrukking ‘Allah’ gebruiken, verwijzen ze daarmee meestal naar de god van de Koran.

Het is vergelijkbaar met de manier waarop wij in het Nederlands het woord ‘god’ gebruiken. Het woord ‘god’ kan verwijzen naar de God van de Bijbel of naar de god van de Koran. Verder kan de uitdrukking ook verwijzen naar andere goden, zoals de Kanaänitische god Baäl of de Griekse god Zeus.