Peda Solar Pumps

Tips, Advice, Ideas

Welke Eilanden Horen Bij Nederland?

Welke Eilanden Horen Bij Nederland
Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Bonaire, Sint Eustatius, Saba zijn bijzondere gemeenten en hebben een aparte status binnen Nederland. Zij heten Caribisch Nederland. Met de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten vormen ze het Caribisch deel van het Koninkrijkrijk.

Is Curaçao nog een kolonie van Nederland?

2010: staatkundige verhoudingen veranderen – Op 10 oktober 2010 zijn de staatkundige verhoudingen binnen het Koninkrijk der Nederlanden veranderd en daarmee ook het Statuut. De Nederlandse Antillen zijn opgeheven en Curaçao en Sint Maarten zijn zelfstandige landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden geworden, naast Nederland en Aruba.

Welke landen hoorde bij Nederland?

Sporen van het Nederlands zijn ook buiten Europa te vinden. Vanaf circa 1600 legden de VOC en de WIC door het stichten van handelsposten de basis voor een verspreiding van het Nederlands op andere continenten. Vanaf de negentiende eeuw namen grote groepen Nederlandse landverhuizers hun taal mee naar de ‘nieuwe wereld’.

  • Buiten Europa is het Nederlands de officiële taal van Suriname en van de Nederlandse Antillen en Aruba.
  • De expansie van Nederland als handelsmacht en koloniale mogendheid begon in de zeventiende eeuw toen de VOC (Verenigde Oostindische Compagnie) en later de WIC (Westindische Compagnie) handelsnederzettingen stichtten in de Oost (Nederlands-Indië, Zuid-Afrika, Japan) en in de West (het Caraïbische gebied, Zuid- en Noordamerika en de kust van Westafrika).

De VOC resp. de WIC onderhielden in de loop van de zestiende en zeventiende eeuw handelsposten in onder andere Noordamerika (Nieuw Amsterdam, het huidige New York), aan de Berbice-rivier in Guyana, in Brazilië, de Afrikaanse Kaap, aan de Afrikaanse westkust, in het huidige Sri Lanka, in Japan en in het Indonesische Archipel.

  • Onder Nederlands beheer kwamen Nederlands-Indië, Suriname en enkele eilanden in het Caraïbische gebied.
  • Nederlands-Indië was tot 1949 een Nederlandse kolonie, Suriname was van 1645 tot 1976 onder Nederlands bewind.
  • De Nederlandse Antillen (de Caraïbische eilanden Saba, St.
  • Maarten, St.
  • Eustatius, Bonaire en Curaçao) en het eiland Aruba maken nog steeds deel uit van het Koninkrijk Nederland.

In sommige gebieden zijn tot de dag van vandaag sporen van het Nederlands te vinden. Tegen welk gebied werd in de 17e eeuw de kolonie Nieuw Amsterdam geruild? Tegen het huidige Suriname.

Nederlandse sporen in Noordamerika Nederlands in Zuidamerika Het Nederlands op de eilanden in de Caraïbische Zee Nederlands in Oost- en Zuidoost-Azië Nederlands in Afrika Leeswijzer

Welke Bovenwindse eilanden horen bij Nederland?

De taalsituatie op de eilanden – Het Nederlands is als taal van het Koninkrijk der Nederlanden een officiële taal op alle eilanden. Dat betekent niet dat er op alle voormalige Antillen volop in het Nederlands wordt gecommuniceerd. Ondertussen zijn ook het Engels en het Papiaments officiële talen op verschillende eilanden. Daarnaast beheerst een aanzienlijke groep inwoners het Spaans. Welke Eilanden Horen Bij Nederland De bovenwindse gebieden (Sint-Eustatius, Sint-Maarten en Saba) verkeren door hun ligging vanouds in een Caribisch-Engelse sfeer.Op deze eilanden wordt vooral Engels gesproken in de dagelijkse omgang en is het Nederlands maar beperkt aanwezig. In alle benedenwindse gebieden (Aruba, Curaçao en Bonaire) is naast het Nederlands en soms ook het Engels, het Papiaments een officiële taal.

Die op het Portugees en vooral op het Spaans gebaseerde creooltaal is de moedertaal van veel inwoners en daarmee ook de landstaal. Het Nederlands is er inderdaad nog steeds een officiële taal, maar overleeft vooral om diverse praktische redenen. Het Nederlands heeft er in elk geval een geheel andere historische ontwikkeling doorgemaakt dan in Suriname en heeft ook een heel andere status en positie als communicatie- en bindtaal.

Op de Antillen spelen ook de contacten met het Nederlandse bedrijfsleven en de rijksoverheid een rol, alsook de vrij grote aantallen Nederlanders, de ‘blijvers’ en de met grote regelmaat massaal binnenstromende toeristen, de ‘trekkers’. Dat het Nederlands een officiële taal is, betekent dat het vooral aanwezig is in het bestuur, het onderwijs en de wetgeving,

Toch komt er ook in die sectoren steeds meer ruimte voor het Engels en het Papiaments. Zo worden wetten op de benedenwindse eilanden nog steeds opgetekend in het Nederlands, terwijl er in het parlement volop in het Papiaments wordt gediscussieerd. Ook in het onderwijs op de voormalige Antillen is de situatie niet eenduidig.

In het basisonderwijs wordt uitgegaan van twee instructietalen en worden naast het Nederlands ook de twee landstalen Engels (Sint-Eustatius en Saba) en Papiaments (Bonaire) gebruikt. In het voortgezet onderwijs op Bonaire en St. Eustatius is Nederlands de onderwijs- en eindexamentaal, onder andere met het oog op hogere studies in Nederland.

Is Suriname deel van Nederland?

“Na drie weken Suriname weet ik minder dan voor ik vertrok. Dat ligt er paradoxaal genoeg ook aan dat de mensen Nederlands spreken en je op de kaart Nederlandse en Duitse plaatsnamen terugvindt – weliswaar zijn ze eerst flink door elkaar geschud en vervolgens over een tropisch land uitgestrooid.

Daardoor is het kader waarin ik de nieuwe indrukken wil verwerken veel te Nederlands.” Jaap Grave in ‘Olifanten in Suriname’ (IVN-krant 2007 (3)) Suriname is een land in Zuid-Amerika, omringd door Guyana, Brazilië en Frans-Guyana. Het heeft een oppervlakte van 163.820 km2, het heeft echter maar 492.829 inwoners (volkstelling 2004).242.946 van hen wonen in de hoofdstad Paramaribo.

Het overgrote deel van Suriname is door tropisch oerwoud bedekt. De grootste steden van Suriname (Paramaribo, Nieuw Nickerie, Lelydorp) liggen in de smalle vruchtbare kuststrook, Tussen kuststrook en oerwoud strekt zich de savanne uit. Het achterland van Suriname is alleen per boot of per vliegtuig bereikbaar.

Suriname verkreeg de onafhankelijkheid van Nederland in 1975, Na de onafhankelijkheid en nog meer na de zogenaamde decembermoorden (tijdens de militaire dictatuur onder Desi Bouterse) vertrokken Surinamers in groten getale naar Nederland. Naar schatting leven bijna even veel Surinaamse Nederlanders in Nederland als Suriname inwoners heeft.

De (verwantschaps)banden met Nederland zijn daarom uitermate sterk. De beste verkeersverbindingen heeft Suriname dan ook met Nederland en niet bijvoorbeeld met zijn directe buurlanden. Twee verkoopsters op de markt in Paramaribo vertellen: “Wij spreken heel veel talen!” Ook na de onafhankelijkheid is het Nederlands de officiële taal van Suriname gebleven.

Geschiedenis Bevolking Talen Arawaks Sranantongo Saramaccaans Surinaams-Nederlands

Waar hoort Curaçao bij?

Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit 4 landen: Nederland. Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Bonaire, Sint Eustatius, Saba zijn bijzondere gemeenten en hebben een aparte status binnen Nederland.

Welk eiland is genoemd naar een Nederlander?

Ver weg en toch verbonden – De eilanden die tot 2010 de Nederlandse Antillen vormen, zijn in de zeventiende eeuw door Nederland veroverd. Nog altijd maken ze deel uit van het Koninkrijk der Nederlanden. De banden tussen deze eilanden en Nederland zijn hecht, maar de relatie kent ook spanningen.

Kolonisatie De zes eilanden zijn allemaal tussen 1631 en 1648 door Nederland veroverd. De Bovenwindse Eilanden – Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten – liggen bijna duizend kilometer noordelijker dan de Benedenwindse Eilanden – Aruba, Bonaire en Curaçao. Samen met Suriname vormen zij wat Nederlanders ‘de West’ noemden.

Het zijn in die tijd koloniale bezittingen in het westelijk halfrond, waar de samenleving tot in de negentiende eeuw wordt bepaald door slavernij. Eerst dienen ze als militaire steunpunten, handelsposten en plantagekolonies. Later worden de olie-industrie en het toerisme belangrijk.

Dekolonisatie De relatie tussen Nederland en deze kolonies is in de tweede helft van de twintigste eeuw ingrijpend veranderd. In de Tweede Wereldoorlog worden Suriname en de zes eilanden niet bezet door Duitsland. Na de oorlog krijgen zij als zogeheten ‘overzeese gebiedsdelen’ regionale autonomie en algemeen kiesrecht.

De nieuwe verhoudingen worden in 1954 vastgelegd in het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden. Dit is een soort grondwet voor een trans-Atlantisch koninkrijk met autonome rijksdelen. Net zoals in andere voormalige kolonies groeit echter het verzet tegen de koloniale machtsstructuren.

  1. Inwoners zijn ontevreden over het overwicht van Nederlandse bedrijven op de Curaçaose economie terwijl op het eiland veel mensen in armoede leven.
  2. Dit leidt in 1969 tot stakingen, die uitmonden in een grote volksopstand.
  3. De inzet van driehonderd Nederlandse mariniers om de orde te herstellen, wekt een beeld op van een onderdrukkende koloniale macht.

Om verdere confrontaties te voorkomen wil Den Haag van ‘de West’ af. De zoektocht naar een evenwicht tussen enerzijds onafhankelijkheid en anderzijds het behoud van het oude verband leidt tot een ingewikkeld dekolonisatieproces. De onafhankelijkheid van Suriname in 1975 wordt bijvoorbeeld door een groot deel van de bevolking niet gesteund.

  • Zo’n 300.000 Surinamers komen in de jaren zeventig naar Nederland.
  • De Nederlandse Antillen, zoals de bestuurlijke eenheid van de zes eilanden heet, willen geen onafhankelijkheid en daar blijft het Statuut van 1954 voorlopig van kracht.
  • Zelfstandig Elk eiland heeft zijn eigen cultuur en eigen belangen.

Aruba, dat economisch welvarend is, voelt zich al decennialang benadeeld door het politieke overwicht van Curaçao. In 1986 krijgt Aruba een zogeheten ‘status aparte’ en sinds 1996 is het een zelfstandig land in het Koninkrijk. Het zoeken naar nieuwe bestuursvormen voor de Nederlandse Antillen is echter nog niet ten einde; elk eiland besluit op den duur dat een aparte relatie met Nederland beter is.

Op 10 oktober 2010 wordt het Statuut aangepast en houden de Nederlandse Antillen officieel op te bestaan. Curaçao en Sint Maarten zijn nu ook zelfstandige landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Ze zijn verantwoordelijk voor hun eigen landsbestuur en wetgeving. De kleinere eilanden – Bonaire, Sint Eustatius en Saba – worden formeel onderdeel van Nederland.

Deze eilanden hebben echter minder bevoegdheden dan Nederlandse gemeenten, zijn geen onderdeel van de Europese Unie en hebben de Amerikaanse dollar als munt. De Nederlandse regering – die nog altijd de eindregie heeft – maakt zich zorgen over financiële problemen in het Caribisch gebied.

De eilanden ergeren zich op hun beurt aan de slechte voorzieningen en de Haagse bemoeienis. Desondanks heeft Nederland door de lange gezamenlijke geschiedenis en de vele familiebanden sterke banden met deze eilanden. Ruim 160.000 Antillianen wonen in Nederland en een groeiend aantal Nederlanders vestigt zich op de eilanden.

Nederland en het Caribisch gebied blijven streven naar betere onderlinge samenwerking.

Kunnen mensen uit Curaçao wonen in Nederland?

Teruggetrokken voorstel Rijkswet Personenverkeer (2007–2011) – Het is nu zo dat slechts de landen Curaçao, Sint Maarten en de Nederlandse gemeenten Bonaire, Saba en Sint Eustatius een toelatingsregeling hebben en er geen toelatingseisen in Europees Nederland zijn voor Arubanen, Curaçaoënaars, Sint Maartenaren en inwoners van Caribisch Nederland.

Tot tien jaar geleden waren er nauwelijks problemen in Nederland met Antilliaanse jongeren, die voor overlast en criminaliteit zorgden. Dit is echter veranderd, want nu zijn er echter ernstige geweldsdelicten waar Antillianen bij betrokken zijn: zo’n 6 procent van de Antilliaanse gemeenschap in Nederland (op 140.000 Antillianen) is betrokken bij criminaliteit.

Om de overlast en criminaliteit van Antillianen aan te pakken, bestaat er een grote wil onder de Nederlandse politiek om deze jongeren terug te sturen naar het Caribisch gebied. Begin 2005 hebben de ministers Rita Verdonk en Alexander Pechtold de Tweede Kamer verzekerd dat er geen juridische belemmeringen zijn om Antilliaanse en Arubaanse probleemjongeren terug te sturen.

Een dergelijke maatregel was volgens hen gewoon mogelijk binnen de bestaande verdragen. Toen de regering echter verder ging nadenken over het voorstel bleek niet het terugsturen van criminele jongeren het probleem was, maar de vrije grenzen binnen het Koninkrijk: de “uitgezette” jongeren kunnen het eerste vliegtuig terug nemen naar Nederland.

Het probleem bij de uitvoering van het uitzetten van Antillianen is dat er maar één Nederlandse nationaliteit bestaat. Uit de Rijkswet op het Nederlanderschap valt af te leiden dat Antillianen en Arubanen Nederlanders zijn. Antillianen en Arubanen uitsluiten van het Nederlanderschap is niet mogelijk, gezien het Nederlanderschap niet behoort aan Nederland maar aan het Koninkrijk en er op die grond dus geen onderscheid mogelijk is.

See also:  Welke Glucosamine Is Goed?

Hoe heette Curaçao vroeger?

De geschiedenis in het kort – De Indianen De vroegste bewoners zijn waarschijnlijk rond 2500 v. Chr. vanuit Venezuela geëmigreerd. De oudste archeologische vindplaats uit deze periode ligt in de kalksteenterrassen achter het vliegveld. Hier hebben archeologen eenvoudige gereedschappen gevonden, gemaakt van steen en schelpen, alsmede enkele van de oudste Indiaanse overblijfselen die ooit in het Caraïbische gebied zijn gevonden.

  1. Rond 500 v. Chr.
  2. Kwamen de Caiquetío-indianen – die dezelfde taal spraken als de Arawak-indianen – waarschijnlijk ook vanuit Venezuela naar Curaçao.
  3. Zij woonden in paalhutten en maakten sieraden, potten van aardewerk, en gereedschap van schelpen, stenen en botten.
  4. Verspreid over het eiland zijn zes van dergelijke dorpjes opgegraven, te weten bij het huidige Kenepa, Santa Cruz, San Hironimo, San Juan, De Savaan en Santa Barbara (momenteel zijn deze vindplaatsen niet toegankelijk voor het publiek).

Hun rotstekeningen zijn goed bewaard gebleven en zijn goed te zien bij het Christoffelpark en de Grotten van Hato. Toen de Spanjaarden arriveerden, leefden er naar schatting zo’n 2000 Caiquetío-indianen op Aruba, Bonaire en Curaçao. Volgens de legende waren de nogal kleine Spanjaarden geïmponeerd door de lengte van de indianen, waardoor ze Curaçao aanvankelijk la isla de los gigantes (‘het eiland van de reuzen’) noemden.

De Spaanse verovering De eerste Europeanen op Curaçao waren waarschijnlijk een groep Spaanse ontdekkingsreizigers, die in mei 1499 samen met de zeevaarder Alonso de Ojeda – een luitenant-ter-zee van Christoffel Columbus – voet aan land zetten, hoewel de historici het er niet over eens zijn of zij ook daadwerkelijk aan land zijn gegaan.

In september van datzelfde jaar zette de vermaarde zeevaarder Amerigo Vespucci samen met Juan de la Cosa voet aan wal. Hij was de eerste Europeaan die een beschrijving gaf van het eiland. Omstreeks 1526 hadden de Spanjaarden hun wettige bestuur opgezet en bleven 125 jaar lang aan het bewind.

  • Vanuit Curaçao bestuurden zij ook het naburige Bonaire, waar zij een grote zoutmijn oprichtten (die nog steeds in bedrijf is), en Aruba.
  • Nog een nalatenschap is hun godsdienst.
  • In tegenstelling tot de protestantse kolonisten uit Europa, zoals de Nederlanders, zetten de Spanjaarden zich vurig in om de zielen te redden van de volkeren die zij onderwierpen.

Zelfs nadat de Nederlanders het eiland hadden ingenomen, bleven Spaanse priesters slaven en hun nakomelingen fanatiek bekeren tot het katholicisme, met als resultaat dat Curaçao een van de weinige plaatsen buiten Afrika is waar het merendeel van de zwarte bevolking katholiek is.

  • De Nederlandse handel Gretig als zij waren om een aandeel te bemachtigen in de handel met de Nieuwe Wereld – die grotendeels in Spaanse handen was – richtten Hollandse kooplieden een handelsmaatschappij op: de West-Indische Compagnie (WIC).
  • Een gelijksoortige maatschappij, de Oost-Indische Compagnie, had Indonesië onder Nederlands bewind gebracht.) De Nederlanders waren zeer geïnteresseerd in de zoutpannen op Curaçao en Bonaire, omdat zij grote hoeveelheden zout nodig hadden om vis te conserveren.

De belangrijkste reden waarom de WIC belangstelling had voor het eiland, vormden echter de natuurlijke eigenschappen: een beschermde diepwaterhaven, wat een ideale marinebasis was, en de strategische ligging nabij het Zuid-Amerikaanse vasteland. De Nederlanders veroverden Curaçao vrij gemakkelijk.

Op 29 juli 1634 zeilde Johan van Walbeeck de Sint-Annabaai binnen met een kleine vloot en slechts een paar honderd man. De Spanjaarden boden zeer weinig tegenstand: zij maakten waterputten onbruikbaar en verbrandden hun dorpjes. De Nederlanders deporteerden de Spanjaarden naar het vasteland samen met zo’n 400 indianen, van wie er ongeveer 75 achterbleven als arbeiders.

Zolang de Tachtigjarige Oorlog tussen Nederland en Spanje nog woedde, was Curaçao in de eerste plaats een marinebasis. Het eerste blijvende bouwwerk was het eenvoudige Waterfort, dat in 1634 werd gebouwd aan de ingang van de haven bij Punda. Later werd het grotere Fort Amsterdam gebouwd met het hoofdkwartier van de directeur van de WIC, die de plaatselijke bewindvoerder werd.

  1. Tot aan de dag van vandaag is het Fort Amsterdam de zetel van de regering.
  2. Toen Nederland en Spanje in 1648 de Vrede van Munster ondertekenden, werd Curaçao minder belangrijk als marinebasis en ontwikkelde het eiland zich tot een handelscentrum.
  3. Minder dan vijftig jaar nadat de Nederlanders Curaçao hadden veroverd, verklaarden zij het eiland tot vrijhaven en begonnen zij de handel in het hele gebied te bevorderen.

Vrij snel ontstond er een bruisende bedrijvigheid in de natuurlijke diepwater haven. Vanaf het midden van de 17e eeuw was Curaçao het middelpunt van het Nederlandse handelsimperium op het westelijk halfrond. Welvarende Nederlandse en joodse kooplieden dreven een bloeiende handel met het nabijgelegen Zuid-Amerika, hoewel deze handel officieel door Spanje verboden was.

  1. De Fransen en de Engelsen Gedurende de hele 17e en 18e eeuw hebben rivaliserende Europese landen hun economische en politieke machtsstrijd uitgevochten in het Caraïbische gebied.
  2. Maar omdat de Nederlanders hun vesting goed beveiligd hadden, had Curaçao weinig te duchten van de piraterij, die in deze onstuimige tijden gemeengoed was in de rest van het Caraïbische gebied.

Toch hebben Franse en Engelse avonturiers nog een aantal pogingen gedaan om het eiland te veroveren. De Slavenhandel De Nederlanders vervulden al snel een prominente rol in de internationale slavenhandel. De WIC nam de belangrijkste Portugese handelsposten aan de westkust van Afrika over, kocht tot slaaf gemaakte Afrikanen op en vervoerde hen naar Curaçao en Brazilië, waar ze verkocht werden aan rijke plantagebezitters uit alle delen van de Nieuwe Wereld.

  1. Curaçao werd een van de grootste slavendepots in het Caraïbische gebied.
  2. Er bleven relatief weinig Afrikaanse slaven op Curaçao.
  3. Als gevolg van het droge klimaat zijn er op het eiland nooit grootschalige plantages geweest.
  4. De grootste slavenopstand op Curaçao begon op 17 augustus 1795 toen zo’n vijftig slaven, onder leiding van Tula en Carpata, op de plantage Kenepa in opstand kwamen.

Later sloten meer dan duizend andere slaven van de nabijgelegen plantages zich bij hen aan. De leiders werden enerzijds geïnspireerd door berichten over grote slavenopstanden elders in het Caraïbische gebied, en anderzijds door de vrijheidsidealen van de Franse Revolutie en de onlangs verkregen onafhankelijkheid van Haïti – het eerste land ter wereld waarvan het merendeel van de bevolking zwart was.

  • Uiteindelijk werden de leiders gevangen genomen en geëxecuteerd bij het Rif, achter het huidige Holiday Beach Hotel.
  • Op deze plaats ligt tegenwoordig een parkje met een standbeeld ter nagedachtenis.
  • Toen de slavernij in 1863 werd afgeschaft kregen bijna 7000 mensen hun vrijheid terug.
  • Voor veel tot slaaf gemaakte Curaçaoënaars bestond de vrijheid echter louter uit een formele verklaring.

De meesten bleven op de velden werken als deelpachters, volgens een systeem dat op het eiland bekend stond als het ‘paga tera’ (betaal voor het stuk grond). Na verloop van tijd vestigden sommige bevrijde negers zich als zelfstandige ambachtslieden en lokale handelaren.

  • Toen de vrijgekomen slaven en hun nakomelingen het platteland verlieten, schiepen zij een dynamische stadscultuur in de smalle steegjes van Otrobanda.
  • De 20e-eeuwse ontwikkeling Door de ontdekking van grote olievelden in Venezuela aan het begin van deze eeuw veranderde Curaçao in een paar jaar tijd van ‘een kwakkelend eiland’ – zoals de Nederlanders het waren gaan noemen – tot een bruisend, kosmopolitisch centrum.

De rijke Venezolaanse olievelden lagen in een baai die niet diep genoeg was voor grote overzeese olietankers, maar ze lagen wel dichtbij de natuurlijke diepwater haven van Curaçao. De Koninklijke Shell begon in 1915 met de bouw van een grote olieraffinaderij, en de ingebruikname ervan in 1918 betekende een complete verandering voor Curaçao.

  • Het eiland werd van de ene op de andere dag een internationaal centrum, en de zelfstandige ambachtslieden veranderden in een onvervalste arbeidersklasse.
  • Er kwamen duizenden immigranten uit het Caraïbische gebied en zelfs helemaal uit Portugal om in de raffinaderij te werken.
  • De bevolking nam plotseling enorm toe, net als de welvaart van de arbeiders van de raffinaderij.

Dit was een stimulans voor praktisch elk segment van de economie, variërend van de handel tot de bouw. Na de Tweede Wereldoorlog De welvaart duurde voort tot na de Tweede Wereldoorlog. Aangezien heel Europa bezet of belegerd was, kwam bijna alle brandstof voor de geallieerde vliegtuigen van de raffinaderij op Curaçao, die per slot van rekening Nederlands was.

  • Amerikaanse militairen werden hier gestationeerd om de kostbare brandstof te beschermen, terwijl Duitse onderzeeërs in de omringende wateren op de loer lagen.
  • Als gevolg van de toegenomen politieke en economische zelfstandigheid die de eilanden gedurende de oorlog genoten, kregen de Nederlandse Antillen in 1954 een autonome status binnen het Koninkrijk der Nederlanden toegekend.

Voor het eerst in de geschiedenis werd op de Nederlandse Antillen een zelfstandig bestuur geïnstalleerd, waarvan de leden door het volk werden gekozen. Ook elk eiland vestigde zijn eigen bestuur. Toch behoren de eilanden tot op de dag van vandaag bij Nederland, dat verantwoordelijk is voor defensie en buitenlandse politiek.

Wie is de baas van Curaçao?

Curaçao Land Curaçao Pais Kòrsou ( Papiaments ) Country Curaçao ( Engels )
( Details ) ( Details )
Basisgegevens
Officiële landstaal Papiaments, Nederlands en Engels
Hoofdstad Willemstad
Regeringsvorm Constitutionele monarchie
Staatshoofd Koning Willem-Alexander Lucille George-Wout (gouverneur, plv. staatshoofd) Charetti America-Francisca (statenvoorzitter)
Regeringsleider Gilmar Pisas
Religie 73% rooms-katholiek 21% overig 6% geen
Oppervlakte 444 km²
Inwoners 151.066 (1 januari 2022) ( 356 inw/km²)
Overige
Volkslied Himno di Kòrsou
Munteenheid Antilliaanse gulden ( ANG )
UTC UTC−4
Nationale feestdag 27 april Koningsdag 2 juli Dag van de Vlag 10 oktober Dag van Land Curaçao
Web | Code | Tel. ,cw | CW | 599
Voorgaande staten
Nederlandse Antillen 2010

/td> Portaal Landen & Volken

Curaçao ( Papiaments : Kòrsou ), officieel: Land Curaçao (Papiaments: Pais Kòrsou, Engels : Country Curaçao ), is een land binnen het Koninkrijk der Nederlanden, Het grondgebied en de zee van het Land Curaçao bestaan uit de eilanden Curaçao en Klein Curaçao en de daarbij behorende territoriale zee.

Is Curaçao een eigen land?

RvIG werkt op verschillende vlakken samen met het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden. Het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit zes eilanden. Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn, net als Nederland, zelfstandige landen.

Is Aruba een kolonie van Nederland?

1813 Toen Napoleon, eind 1813, werd verslagen vond er door de overwinnaars een staatkundige herinrichting van Europa plaats en herkreeg Nederland, dat deel uitmaakte van het Franse Kiezerrijk, zijn vrijheid. Na de proclamatie van het Soeverein Vorstendom der Verenigde Nederlanden op 20 november 1813 werd de toenmalige Prins van Oranje, Willem Frederik van Oranje-Nassau in Amsterdam als soevereine vorst ingehuldigd en aanvaardde hij de soevereiniteit van dit vorstendom onder waarborg van een constitutie. 1815 In maart 1815 nam deze vorst de titel Koning der Nederlanden aan. Daarmee was het Koninkrijk der Nederlanden een feit. Het Koninkrijk der Nederlanden bezat koloniën in andere werelddelen. Dit waren Nederlands-Indië, Suriname, de kolonie Curaçao en Onderhorigheden, en kleine gebieden in West-Afrika. Na de Tweede Wereldoorlog raakte het dekolonisatieproces in een stroomversnelling. Onder druk van de Verenigde Naties (VN) en de Verenigde Staten (VS) moest Nederland toestaan dat Indonesië een zelfstandige staat werd. Alleen Nederlands-Nieuw-Guinea bleef nog onder Nederlands bestuur staan. In de Nederlandse Antillen (de latere naam van Curaçao en Onderhorigheden ) en Suriname bleek het wel mogelijk om via gemeenschappelijk overleg te komen tot een nieuwe constructie van het Koninkrijk, waarin zelfstandigheid en de gelijkwaardigheid van deze overzeese gebiedsdelen ten opzichte van Nederland verzekerd waren. 1954 In 1954 werd de koloniale relatie tussen Nederland, Suriname, de Nederlandse Antillen en Nieuw-Guinea beëindigd door de totstandkoming van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden. Suriname en de Nederlandse Antillen kregen beiden de status van land en daarmee o.a. autonomie op het gebied van binnenlands bestuur. 1962 In 1962 kwam Nieuw-Guinea onder het bewind van de Verenigde Naties (VN), om in 1963 onder bestuur van Indonesië te komen. 1975 In 1975 trad Suriname uit het Koninkrijk en werd een onafhankelijke republiek. 1986 In 1986 kreeg Aruba, tot dan toe onderdeel van de Nederlandse Antillen, de Status aparte en werd daarmee een zelfstandig land binnen het Koninkrijk. Het Koninkrijk der Nederlanden bestond tussen 1986 en 2010 uit drie landen: Nederland, de Nederlandse Antillen en Aruba. 2010 Op 10 oktober 2010 werden de Nederlandse Antillen opgeheven en gingen ook Curaçao en Sint Maarten als autonome landen binnen het Koninkrijk verder. Bonaire, Sint Eustatius en Saba, de BES-eilanden, kregen de status van openbaar lichaam binnen het land Nederland. 1526 De naam Aruba is waarschijnlijk afkomstig uit de Arawak taal die tegenwoordig volledig is uitgestorven. De naam Aruba kwam het eerst voor in een historisch document uit 1526. Het is nooit duidelijk geworden of het eiland haar naam heeft te danken aan haar inwoners of andersom. De eerste bewoners van Aruba waren de Caquetios indianen van de Arawak volksstam. 1499 In 1499 landde de eerste Europeaan op de Arubaanse stranden, de Spaanse ontdekkingsreiziger Alonso de Ojeda. 1515 Rond 1515 werden de indianen door de Spanjaarden naar de Dominicaanse Republiek gedeporteerd, waar ze als slaven in de kopermijnen en plantages moesten werken.

  1. Van het vasteland kwamen Indianen naar Aruba.
  2. In 1526 zou Juan d’Ampues, een Spaanse bestuurder, begonnen zijn met de herbevolking van Aruba 1636 In 1636, tijdens het hoogtepunt in de Tachtigjarige Oorlog tussen Nederland en Spanje, hebben de Nederlanders Aruba veroverd door Johannes van Walbeeck voor de West Indische Compagnie.

Bij de komst van de Hollanders verlieten de meeste Indianen het eiland en trokken naar het vaste land. De West Indische Compagnie bestemde Aruba tot veeplantage voor voedselvoorziening van Curaçao. De bevolking bestond tijdens de tweede helft van de 17 de eeuw en de 18 de eeuw merendeels uit indianen. De lokale vertegenwoordiger van de West Indische Compagnie was de commandeur. Het overkoepelende gezag werd uitgeoefend door een Directeur die benoemd werd door de Heren XIX (bestuurders van de W.I.C.) onder goedkeuring van de Staten-Generaal. De Directeur was ondergeschikt aan het gezag van de “hoge regering” een college van bestuurders van de West Indische Compagnie kolonie in Brazilie.

  1. 1804 In de periode van 1804-1806 werd Aruba afwisselend bezet door Nederland, Engeland, Frankrijk en de Venezolaanse generaal Francisco de Miranda.
  2. In 1805, tijdens de Napoleontische Oorlogen, kregen de Engelsen even de macht over het eiland.
  3. 1816 In 1816 werd Aruba teruggeven aan de Nederlanders.
  4. Nadat de Engelsen in 1816 Aruba teruggaven aan Nederland viel het opperbestuur toe aan de koning.

De Boven- en Benedenwinden vormden twee aparte koloniën. 1828 In 1828 werden ze met Suriname samengevoegd en vanuit Paramaribo bestuurd. Twintig jaar later, in 1848 werd een nieuwe grondwet van kracht en de macht van de burgers vergroot. 1865 Een nieuw reglement voor Curaçao en de vijf onderhorige eilanden werd in 1865 van kracht.

  • De hoogste gezaghebber ter plaatse werd de gouverneur op Curaçao.
  • In tegenstelling tot Suriname kregen de Antillen geen gekozen volksvertegenwoordiging op koloniaal niveau.
  • Op Aruba was voortaan het lokale bestuur in handen van een gezaghebber.
  • Hij werd bijgestaan door twee landraden.
  • De landraden werden door de stemgerechtigde ingezetenen voor vier jaar gekozen.

De gezaghebber en de twee landraden werden de “Raad van Politie” genoemd. Zij voerden het dagelijkse bestuur over Aruba en waren verantwoording aan het gezag op Curaçao verschuldigd. Deze staatkundige constructie zou in werking blijven tot 1936 toen de “Staten van Curaçao” opgericht werden en op Aruba de eerste schermutselingen rond de positie van het eiland binnen het Koninkrijk aan de gang waren.

1933 De taakverdeling tussen de koloniale overheid en de eilanden was niet concreet geregeld. Op Aruba bestond hieraan een duidelijke behoefte. Reeds in 1933 was de eerste roep om decentralisatie hoorbaar geweest, toen de Raad van Politie van Aruba de Kroon verzocht de kolonie te reorganiseren met een grotere autonomie voor de eilanden.

1936 Het Staatsreglement van 1936 en het Kiesreglement van 1937 kunnen gezien worden als het (negatief) Nederlandse antwoord op het verzoek van de Raad van Politie. Na de invoering van de Staatsreglement van 1936 bepaalde het Kiesreglement van 1937 dat zes van de tien Statenleden door Curaçao afgevaardigd werden, twee door Aruba, één door Bonaire en één door de drie Bovenwindse eilanden. Op 6 december 1942 hield koningin Wilhelmina een historische rede, waarin zij de overzeese gebiedsdelen na afloop van de Tweede Wereldoorlog een grotere autonomie in het vooruitzicht stelde. Nog tijdens de oorlog begon de Commissie Oppenheim aan de inventarisatie van de staatkundige wensen van de Antilliaanse bevolking.

De commissie kwam tot de conclusie dat Aruba’s wensen voor een grotere zelfstandigheid beslist niet ongegrond waren en stelde voor om de eilandelijke autonomie en de eilandelijke bevoegdheden in de toekomst te vergroten. 1947 Op 30 juli 1947 richten 95 prominente Arubanen zich via de Raad van Politie tot de Staten met het verzoek aan de Kroon door te geven dat zij in de toekomst, onafhankelijk van Curaçao een eigen status binnen het Koninkrijk wensten.

Een op Aruba ingestelde afscheidingscommissie moest deze status verder uitwerken, waarbij zij officieel de staatkundige wensen van de bevolking behoorde te verwoorden. Tegen de bevindingen van de Commissie Oppenheim waren zoveel weerstand dat het ontwerp staatsregeling ingetrokken werd.

1948 In 1948 werd de Commissie Aruba/Curaçao onder voorzitterschap van van Poelje ingesteld. De commissie had tot taak zich uit te spreken over de mate waarin Aruba in de nieuwe rechtsorde een afzonderlijke positie verleend kon worden. Doordat Aruba akkoord ging met de grondwetwijziging van 1948 en met de resultaten van de Ronde Tafel Conferentie van 1948 was een afscheiding van Curaçao grondwettelijk onmogelijk geworden.

De Antillen van 6 eilanden waren één geworden en ondeelbaar verklaard. 1949 In verband met de Indonesische onafhankelijkheid was het niet mogelijk om verder te werken aan de toekomstige betrekkingen tussen Nederland en de gebiedsdelen in de west. In 1949 werd besloten om een Interimregeling in te voeren.

  • Bij het opstellen van de Interimregeling heeft Nederland beloofd rekening te zullen houden met de ideeën uit het rapport van de Commissie van Poelje.
  • In de Interimregeling werd opgenomen dat het aantal zetels uitgebreid wordt tot 22 zetels.
  • De zetelverdeling werd 12 voor Curaçao, 8 voor Aruba, 1 voor Bonaire en 1 voor de Bovenwindse Eilanden.

De afbakening van de bevoegdheden van de eilanden en het land werd niet aangegeven in de Interimregeling. 1951 De eilandelijke bevoegdheden werd in 1951 in de Eilanden Regeling Nederlandse Antillen geregeld. De autonomie van de vier eilandgebieden Aruba, Curaçao, Bonaire en de Bovenwindse Eilanden had het Nederlandse gemeentemodel.

De beslissingsbevoegdheden van het eilandgebied Aruba zijn beperkt. De Staten blijven de politieke speelruimte van Aruba bepalen. 1954 Ter voorbereiding voor de invoering van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden werden de Ronde Tafel Conferenties gehouden. In 1954 is het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden tot stand gekomen.

Bij het opstellen van de Staatsreglement van de Nederlandse Antillen, die de staatsinrichting van het land bepaalde, werden de hoofdbeginselen van de Eilanden Regeling Nederlandse Antillen opnieuw bekrachtigd. Door de totstandkoming van het Statuut bestond het Koninkrijk der Nederlanden uit drie landen Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen, met aan het hoofd de Koningin. Het hoogste bestuurlijke orgaan werd de Koninkrijksregering, die bestond uit de voltallige Nederlandse ministerraad, de gevolmachtigde minister van Suriname en de gevolmachtigde minister van de Nederlandse Antillen. Het Land de Nederlandse Antillen bestond voortaan uit de vier eilandgebieden Aruba, Curaçao, Bonaire en de Bovenwindse Eilanden. De gouverneur werd de hoogste gezagsdrager die op voordracht van de volksvertegenwoordiging door de Kroon voor een periode van zes jaar benoemd werd.

De volksvertegenwoordiging, de Staten van de Nederlandse Antillen, telde 22 zetels, waarvan twaalf voor Curaçao, acht voor Aruba, één voor Bonaire en één voor de gezamenlijke Bovenwindse Eilanden. De volksvertegenwoordiging van de Nederlandse Antillen is een éénkamerstelsel. Door de bevolking van de Eilandgebieden worden de afgevaardigden van de Staten voor vier jaar gekozen.

De Eilandgebieden van de Nederlandse Antillen kregen een gekozen Eilandsraad. Op Aruba bestond deze uit 21 leden die door de bevolking voor 4 jaar werden gekozen. De Eilandsraad werd voorgezeten door de gezaghebber. De gezaghebber werd door de Kroon benoemd. Tot 1986 bepaalden de Eilanden Regeling Nederlandse Antillen, het Statuut en het Staatsreglement het staats- en volkenrechtelijke kader waarin Aruba participeerde. Nadat Suriname in 1975 onafhankelijk werd, bestond het Koninkrijk der Nederlanden uit twee afzonderlijke landen, Nederland en de Nederlandse Antillen. Met de verkregen status aparte heeft Aruba een eigen volksvertegenwoordiging, de Staten van Aruba en een eigen gouverneur. De staten worden voorgezeten door de Statenvoorzitter. De regering van Aruba wordt gevormd door de ministers en de gouverneur. 1990 In 1990 liet de minister van Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse Zaken, Hirsch Ballin in zijn “Schets voor een Gemenebestconstructie” weten dat Aruba niet meer onafhankelijk zou hoeven te worden in 1996. Na de Status Aparte van Aruba werd in de Nederlandse Antillen koortsachtig gezocht naar een nieuw staatkundig verband. Sindsdien is er veel gediscussieerd over hoe het Koninkrijk verder moest. 2004 Vanaf 2004 zijn de politieke perspectieven opnieuw gewijzigd. De eilanden willen los van elkaar en hielden in 2004 en 2005 referenda. Curaçao en Sint Maarten opteerden voor de status aparte. Bonaire en Saba wensten directe banden met Nederland. Sint Eustatius wenste de Antillen van de vijf te behouden maar opteerde uiteindelijk ook voor directe banden met Nederland. 2006 Op 2 november 2006 werd in de Slotverklaring tussen Nederland en de Nederlandse Antillen, Curaçao en Sint Maarten ondertekend. In de overeenkomst is opgenomen dat Nederland 80 procent van de Antilliaanse staatsschuld overneemt (ongeveer 2,4 miljard euro). De eilanden van de Nederlandse Antillen kunnen daarna elk voor zich een nieuwe relatie met Nederland aangaan. De eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba worden een bijzondere gemeente van Nederland. Sint Maarten en Curaçao willen een relatie als autonoom eiland met Nederland. Met de afwijzing door de Eilandsraad van Curaçao heeft dit proces van staatkundige vernieuwing aanzienlijke vertraging opgelopen. In het akkoord is opgenomen dat Den Haag invloed houdt op financieel en justitieel gebied in Sint Maarten en Curaçao. Dit bleek voor de Curaçaose politici onaanvaardbaar. 2010 Nederlandse Antillen op 10 oktober 2010 opgeheven Het Antilliaanse staatsverband is per 10 oktober 2010 opgeheven. Nadat Aruba op 1 januari 1986 haar eigen Status Aparte kreeg en uit het Antilliaanse staatsverband vertrok, vormden de eilandgebieden van Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba samen het land de Nederlandse Antillen. Curaçao en Sint Maarten gaan verder als zelfstandige landen binnen het Nederlandse koninkrijk, terwijl Bonaire, Sint-Eustatius en Saba als ‘openbare lichamen’, bijzondere gemeentes, opgenomen worden bij Nederland. Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat nu uit vier landen: Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland. De heer Gerrit F. Schotte is de eerste minister-president van het Land Curaçao en de eerste minister-president van het Land Sint-Maarten is mw. Sarah Wescott-Williams. De eerste gouverneur van het Land Curaçao is de heer mr. Frits M. de los Santos Goedgedrag en de eerste gouverneur van het Land Sint Maarten is de heer drs. Eugène B. Holiday. Curaçao en Sint Maarten hebben nu ook hun eigen volksvertegenwoordiging, de Staten van Curaçao en de Staten van Sint Maarten. Voor de drie eilanden (openbare lichamen) Bonaire, Sint Eustatius en Saba die qua wet- en regelgeving veel op Nederlandse gemeenten lijken is.de eerste gezaghebber van Bonaire mr. dr. Glenn A.E. Thodé, de eerste Lt. Governor van Sint-Eustatius is mr. Gerald Berkel en de eerste Lt. Governor van Saba is de heer Jonathan Johnson.

Waarom hoort Aruba niet meer bij de Nederlandse Antillen?

(voormalige) Nederlandse Antillen en Aruba Betreft een samentelling van de eilanden die tot het grondgebied van de Nederlandse Antillen en Aruba van vóór 10 oktober 2010 behoorden.Het gaat om de eilanden Bonaire, Curaçao, Saba, Sint-Eustatius, Sint-Maarten en Aruba.

  1. Vanaf 10 oktober 2010 zijn de Nederlandse Antillen ontbonden.
  2. Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat dan uit vier landen: Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten.
  3. Alle eilanden hebben een nieuwe status.
  4. Curaçao en Sint Maarten zijn nieuwe landen binnen het Koninkrijk.
  5. Met een ‘Status aparte’ binnen het Koninkrijk zijn Curaçao en Sint Maarten autonome landen.

De landen hebben een zelfstandig bestuur en zijn niet meer afhankelijk van Nederland. De openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, ook wel Caribisch Nederland, hebben een diepere band met Nederland en functioneren als bijzondere gemeente van Nederland.

Welk land lijkt het meest op Nederland?

Nederland(ers), maar nét iets anders Gepubliceerd: 24 September 2012 • Leestijd: 2 minuten en 26 seconden • Stefan Schouwaert volgt een deel van zijn opleiding ibl (international business & languages) in de hoofdstad van Denemarken: Kopenhagen. Hoe is dat, studeren in het buitenland? Stefan vertelt het Na ruim een maand in Kopenhagen begin ik mij hier steeds meer thuis te voelen, zoals ik al in mijn vorige blog schreef.

  1. Thuis is een plek waar je dingen als ‘normaal’ ziet: je bent eraan gewend dat bepaalde dingen gebeuren zoals ze gebeuren, dat zaken zijn zoals ze zijn, en als het goed is ben je daar ook tevreden mee.
  2. Scandinavisch tintje Hier in Denemarken lijken veel dingen op thuis.
  3. Als ik Denemarken en de Denen zou moeten beschrijven zou ik zeggen: het is eigenlijk net als in Nederland, maar met een Scandinavisch tintje.

Ten eerste lijkt Denemarken op zich veel op Nederland: het is net zo plat als Nederland (Nederland wint het hier trouwens van Denemarken: het hoogste punt hier is ruim 170 meter, het hoogste punt in Nederland is 320 meter), het is een modern land en de steden zijn redelijk klein.

En als je in Kopenhagen op de trein stapt ben je eigenlijk binnen een kwartier in een redelijk typisch Scandinavisch landschap, met afwisselend bossen, meren en velden. Voorzichtig hallo Ook de steden (hoewel ik eigenlijk Kopenhagen moet zeggen, ik heb helaas nog niet de kans gehad om andere Deense steden te bezoeken) lijken veel op die in Nederland: ze zijn niet al te groot, je komt om in het aantal fietsers en de gebouwen lijken veel op wat je in de gemiddelde Nederlandse stad tegenkomt.

Als ik door de straten van Kopenhagen loop en een beetje wegdroom kan ik net zo goed in de gemiddelde winkelstraat van Utrecht of Breda zijn. Het is dat de auto’s totaal andere kentekenplaten hebben en dat de taal die je hoort niet tot nauwelijks te verstaan is Ook de Denen lijken in veel opzichten op de Nederlanders: ze hebben dezelfde humor, lijken qua uiterlijk ook veel op Nederlanders en hebben veel ‘Nederlandse’ karaktertrekken, in de zin dat ze vaak wat gesloten overkomen (meer dan een voorzichtig hallo komt er bij de buren, die al bijna twee weken onze buren zijn, niet uit).

Bonte verzameling Het lijkt er nu een beetje op alsof ik me eigenlijk totaal niet in het buitenland voel. Dat is natuurlijk niet helemaal zo. Uiteraard zijn deze vijf maanden één grote internationale ervaring door de vele uitwisselingsstudenten, zowel in mijn eigen klas en universiteit als in heel Kopenhagen.

Ik ga dagelijks om met studenten uit Frankrijk, Duitsland, Italië, Zuid-Korea, China en nog een bonte verzameling van andere landen. Ook op straat kom je ontzettend veel buitenlandse studenten tegen (sowieso heb ik wel eens de indruk dat mensen ouder dan 40 jaar de stad niet in mogen, gezien het enorme aantal jongeren dat je hier ziet).

Groepswerk in het café Tussen de Denen en Nederlanders zijn overigens ook genoeg verschillen. Zo lijken de Denen wat minder gehaast dan Nederlanders. De vele koffiebars, cafés met huiskamerachtige sfeer en hippe sandwichrestaurants zitten eigenlijk de hele dag door vol. Je kunt er heerlijk zitten en de sfeer is altijd ontspannen: mensen lezen wat, praten met elkaar of zitten gewoon met de iPod in de oren voor zich uit te staren.

Why Texel is a MUST VISIT island in The Netherlands!

Je ziet er ook veel studenten werken of met elkaar studeren, en daar zit ook meteen een groot verschil tussen studenten in Nederland en Denemarken. ‘Thuis’ in Rotterdam is het vinden van een vrije stoel op school een taak waar je redelijk wat tussenuren mee kunt vullen (is het computerbeschikbaarheidsprobleem op de KZ nog steeds zo groot? ;-)).

Wat is de echte naam van Nederland?

© Gijs Versteeg Fotografie Wat is het verschil tussen Holland en Nederland? Nederland bestaat uit de 12 provincies, maar veel mensen gebruiken ook het woord Holland als ze het over Nederland hebben.

De twee provincies Noord- en Zuid-Holland vormen samen Holland. De 12 provincies samen vormen Nederland. Holland wordt vaak gebruikt om heel Nederland mee aan te duiden.

De officiële naam van het land is Koninkrijk der Nederlanden. Koning Willem Alexander is de koning van het land. Met Holland worden slechts de twee provincies Noord-Holland en Zuid-Holland bedoeld. Toch wordt de naam Holland vaak gebruikt om heel Nederland mee aan te duiden.

Is Curaçao in Suriname?

Suriname en de Nederlandse Antillen vanaf 1945 Artikel Willemstad, de hoofdstad van Curaçao, heeft een kleurrijke architectuur, die getuigt van de geschiedenis van deze haven en handelsstad sinds 1635. Curaçao is een van de zes Antilliaanse eilandgebieden die deel uitmaken van het Koninkrijk der Nederlanden, samen met Aruba, Bonaire, Saba, St.

  1. Maarten en St.
  2. Eustatius.
  3. Tot 1975 hoorde ook Suriname daar bij.
  4. De relaties tussen Nederland en de koloniën in ‘de West’ zijn in de tweede helft van de twintigste eeuw ingrijpend veranderd.
  5. In de Tweede Wereldoorlog bleven Suriname en de Nederlandse Antillen vrij.
  6. Ze steunden de geallieerden militair en met grondstoffen die belangrijk waren voor de oorlogsindustrie, zoals bauxiet en olie.

Na de oorlog kregen zij als zogeheten overzeese gebiedsdelen regionale autonomie en algemeen kiesrecht. Lees verder op : Suriname en de Nederlandse Antillen vanaf 1945

Hoe heten Suriname vroeger?

Bezoek aan de Grote Suriname Tentoonstelling in de Nieuwe Kerk Amsterdam Op 25 januari 2020 heeft het CDA Netwerk Diversiteit haar eerste activiteit mogen organiseren. Middels een gids werden we samen met andere geïnteresseerde CDA-leden rondgeleid door de succesvolle tentoonstelling in de Nieuwe Kerk, die je in een vogelvlucht op een indrukwekkende manier laat kennismaken met de cultuurgeschiedenis, de natuur, de economie en de bewoners van Suriname.

  1. Voor de oplettende bezoeker is bij de entree een herkenbare welkomstgroet te horen, namelijk het geluid van de luidruchtige grietje bie (vogel).
  2. De geschiedenis van Suriname krijgt in Nederland weinig aandacht, ook niet in het onderwijs, terwijl beide landen een eeuwenlange geschiedenis delen.
  3. Wat begint met het verhaal over de oorspronkelijke bewoners, de plantagecultuur, de slavernij en contractarbeiders tot het veelkleurige en de rijke flora en fauna van het land.

De donkere bladzijden zoals de slavernij, de decembermoorden en Moiwana 86 krijgen van de kunstenaars allen een plek in de Nieuwe Kerk. Vroeger heette Suriname ‘Nederlands Guiana’, een verzamelnaam voor de Nederlandse koloniën. De positie van het tropisch land als wingewest voor het koloniaal profijt in de beruchte Gouden Eeuw.

  • De West-Indische compagnie was eigenaar van het land en het land werd bestuurd als bedrijf en onderneming (wat simpelweg een verzameling was van kapitaal, organisatie en arbeid).
  • Het zware werk op de plantages van suikerriet, cacao, koffie en tabak aan de “Wilde Kust” werd voornamelijk gedaan door inzet van slaven (handel) en contractarbeiders.

Vanaf 1600 werd Suriname gekoloniseerd door Nederlanders, met name de Zeeuwen. Suriname was in de 17de eeuw een korte periode Zeeuws bezit. Paramaribo heette toen Nieuw-Middelburg en het voormalige Engelse fort kreeg de naam Fort Zeelandia. In die tijd werden zeer luxe en gewilde goederen verhandeld en verscheept door Europa.

  1. Admiraal en zeeheld Michiel de Ruyter is een van de bekendste personen uit de Vaderlandse geschiedenis.
  2. Hij kreeg een staatsbegrafenis die ruim 14.600 gulden kostte, evenals een praalgraf in de Nieuwe Kerk in Amsterdam.
  3. Vandaag de dag nog opgebaard.
  4. Michiel de Ruyter was rond de 1.50m, maar de houten sarcofaag is toch ruim 2 meter lang en versierd door Hongaarse priesters die hem elk jaar nog komen vereren.

U mag googlen waarom. Opvallend is de “smeltkroes” van culturen die nu de samenstelling van de Surinaamse bevolking is zoals de Indianen, Creolen, Javanen, Hindoestanen, Chinezen en de vermenging van culturen, tradities, eetgewoonten en gebruiken. Suriname staat bekend om de verbroedering tussen verschillende bevolkingsgroepen en het bewijs dat met en naast elkaar leven prima kan! Toch is niet alles idyllisch: Suriname heeft tropische ziektes (malaria).

En jarenlange bauxiet en goudwinning geven enorme milieuschade aan het mooie oerwoud. Aan het eind, net voor de museumwinkel, tref je de mooiste foto aan van prinses Beatrix in haar mintgroene galajapon met Claus tijdens de Onafhankelijkheidsceremonie op 25 november 1975. De jurk kun je ook in het echt zien! Onder het genot van een drankje en een taartje hebben we onze indrukken met elkaar gedeeld.

We danken iedereen voor zijn of haar aanwezigheid en hopen elkaar weer te treffen bij de volgende activiteit van CDA Netwerk Diversiteit. : Bezoek aan de Grote Suriname Tentoonstelling in de Nieuwe Kerk Amsterdam

Is Suriname rijk?

‘ Suriname is een van de rijkste landen ter wereld. ‘ Sinds de Wereldbank het land in 1995 rangschikte als zeventiende rijkste land ter wereld op basis van de beschikbare natuurlijke hulpbronnen, schuwen Surinamers de grootspraak niet. Aan natuurlijke rijkdommen is er in Suriname inderdaad geen gebrek.

Is Curaçao Nederlandse nationaliteit?

RvIG werkt op verschillende vlakken samen met het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden. Het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit zes eilanden. Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn, net als Nederland, zelfstandige landen.

Hoe lang hoort Curaçao bij Nederland?

(voormalige) Nederlandse Antillen en Aruba Betreft een samentelling van de eilanden die tot het grondgebied van de Nederlandse Antillen en Aruba van vóór 10 oktober 2010 behoorden.Het gaat om de eilanden Bonaire, Curaçao, Saba, Sint-Eustatius, Sint-Maarten en Aruba.

  1. Vanaf 10 oktober 2010 zijn de Nederlandse Antillen ontbonden.
  2. Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat dan uit vier landen: Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten.
  3. Alle eilanden hebben een nieuwe status.
  4. Curaçao en Sint Maarten zijn nieuwe landen binnen het Koninkrijk.
  5. Met een ‘Status aparte’ binnen het Koninkrijk zijn Curaçao en Sint Maarten autonome landen.

De landen hebben een zelfstandig bestuur en zijn niet meer afhankelijk van Nederland. De openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, ook wel Caribisch Nederland, hebben een diepere band met Nederland en functioneren als bijzondere gemeente van Nederland.

Hebben inwoners van Curaçao de Nederlandse nationaliteit?

A) Van rechtswege: door geboorte of erkenning. Elk kind van een getrouwde Nederlandse vader of moeder is na zijn geboorte automatisch Nederlander, ook als het buiten het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba geboren is.

Wie is de baas van Curaçao?

Curaçao werd op 26 juli 1499 ontdekt door de Spanjaard Alonso de Ojeda. Toen woonden er ongeveer 2000 Caquetio op ons tropische eiland. De Caquetio stammen af van de Arowakken indianen. In 1515 werden vrijwel alle Caquetio als slaven weggevoerd naar Hispaniola, een ander eiland in de Caribische Zee.